

De Boerenapostel keert terug naar zijn geboortegrond
Verhaal uit de regioGerlacus van den Elsen was de grondlegger van de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond (NCB) én van de Boerenleenbank, de voorloper van Rabobank. In het theaterstuk De Boer Op keert de pater uit Gemert, die honderd jaar geleden overleed, voor even terug naar zijn geboortegrond.
Gerlacus van den Elsen is geboren en getogen in de boerderij waar tegenwoordig het Gemertse Boerenbondsmuseum is gevestigd. Uitgerekend hier komt zijn geest nog een keer uit de fles, als het museum in september wordt omgebouwd tot een openluchttheater.
In de voorstelling ontdekt de Boerenapostel, zoals Van den Elsen werd genoemd, dat de positie van de agrarische sector in 2025 nog steeds onder druk staat. Op bijzondere wijze besluit hij zich opnieuw in te zetten voor de boeren; zoals de Norbertijn dat meer dan honderd jaar geleden deed.
Boerenleenbank
Als boerenzoon voelde Van den Elsen zich destijds geroepen om tijdens de landbouwcrisis iets voor de boeren te betekenen. Daarvoor moest de boerenstand georganiseerd worden, zo oordeelde hij. Hij richtte in 1896 de Noordbrabantsche Christelijke Boerenbond op. En in 1898 werd hij mede-oprichter van de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank, waaruit later Rabobank zou voortkomen. ‘Hij had een groot sociaal hart, maar was ook een pittig menneke’, zegt Peter Oostenbach, secretaris van het Boerenbondsmuseum. ‘Hij was hard voor zichzelf en voor anderen. Als je niet vóór hem was, dan was je tegen hem.’
Die karaktereigenschap is ook terug te zien in het theaterstuk, zegt producer Bas Leenders. Hij werd eind 2022 door het Boerenbondsmuseum benaderd om mee te denken over het theaterstuk en vroeg regisseur Rick Hooijberg erbij. ‘Dit was dé plek waar we de voorstelling wilden spelen’, zegt Hooijberg.
Komedie met serieuze ondertoon
Om een goed beeld te krijgen van de Boerenapostel, gebruikten ze materiaal van cabaretier Mark van de Veerdonk die al het nodige had uitgezocht, wonnen ze informatie in bij de heemkundekring en het Boerenbondsmuseum, lazen ze zich suf en bekeken ze documentaires over boeren. ‘Het theaterstuk is een komedie met een serieuze ondertoon’, zegt Leenders. De voorstelling switcht tussen verleden en heden, waarbij het gedachtegoed van Van den Elsen in de huidige tijd wordt geplaatst. Leenders: ‘De rode draad is: je moet samenwerken, alleen red je het niet.’
In De Boer Op erft een jong gezin uit de stad de kortgevelboerderij, die op het terrein van het Boerenbondsmuseum staat en onderdeel is van het decor. Als de vrouw een oude doos met spullen van pater Van den Elsen opent, komt daar ook zijn geest uit te voorschijn. De Boerenapostel ziet dat de boeren het nog steeds lastig hebben en verwondert zich over de tijdgeest. Als hij zich voorstelt aan de vrouw en zegt dat hij de oprichter is van de Boerenbond, antwoordt zij: ‘Oh, van die handige tuinwinkel’. Bij de huidige problemen van boeren, zoals de stikstofuitstoot en emissiearme vloersystemen, kan hij zich niks voorstellen.
De voorstelling is geen politiek pamflet, maar een fictieve vertelling over toen en nu, benadrukken de betrokkenen. Voorzien van de nodige humor, live muziek en hier en daar een verborgen boodschap. ‘We willen de mensen een leuke avond bezorgen, maar ook het gesprek op gang houden’, aldus Hooijberg. ‘En hopelijk beseffen mensen na afloop nog meer dat je samen verder komt dan alleen.’
Bijzonder
Bij het Boerenbondsmuseum zijn ze blij dat het theaterstuk op hun locatie wordt gespeeld. ‘Het is heel bijzonder dat de Boerenapostel voor even terugkeert naar zijn geboortegrond’, zegt secretaris Oostenbach. ‘Wij runnen het museum volledig met vrijwilligers en dragen nog altijd het coöperatieve gedachtegoed van pater Van den Elsen uit.’
Na groen licht van het bestuur van het Boerenbondsmuseum zetten Leenders en Hooijberg twee jaar geleden de eerste stappen voor het theaterstuk. Sinds januari repeteren ze wekelijks met de 25 tot 35 acteurs en sinds kort doen ook de 25 figuranten mee. ‘Het zijn allemaal amateurs, het is geweldig om met ze te werken’, zegt Hooijberg. ‘Ze zijn echt onderdeel van een coöperatie.’
Hooijberg schreef het script samen met Sanne Sleutjes. Tijdens het schrijven dachten ze vaak: als pater Van den Elsen nu zou leven, hoe zou hij dan naar de huidige tijd kijken? ‘Het antwoord op die vraag zie je tijdens de shows’, zegt hij. ‘We vinden het prachtig om het verhaal van de Boerenapostel thuis te brengen.’
De Boerenleenbank: instrument om ‘den woeker te weren’
Gerlacus van den Elsen (1853-1925) was een boerenzoon, die op 16-jarige leeftijd toetrad tot de abdij van Berne in Heeswijk. Na zijn priesterwijding ging hij zich steeds meer met sociale vraagstukken bezighouden. De Norbertijn trok zich het lot aan van de arme boerenbevolking, die zwaar getroffen werd door de agrarische crisis. Hij streed voor betere rechten voor de boeren en ijverde voor godsdienstige en sociale vorming.
De Boerenapostel was medeoprichter van de Coöperatieve Centrale Boerenleenbank, een voorloper van de huidige Rabobank. Zijn motto was: ‘Wie een beter leven wil, moet zich organiseren.’ Van den Elsen zag de boerenleenbanken bovenal als maatschappelijke instelling. Of, zoals hij het zelf verwoordde, als een instrument om ‘...den woeker te weren, den landman in zijn nood bij te staan, maar ook spaarzaamheid, naastenliefde, arbeidzaamheid en matigheid te bevorderen…’.
Logisch dus, dat Rabobank trotse sponsorpartner is van De Boer Op, het theaterstuk over zijn leven en de coöperatieve gedachte. Voor onze leden staat er een aantrekkelijke aanbieding voor de voorstelling in de RaboApp, onder Instellingen-Lidmaatschap.
- Auteur: Guus Peters
- Fotograaf: Michel de Heer
