

‘Alles kan in het leven, als je maar écht wilt’
InterviewIn de bloei van zijn leven werd Joseph Oubelkas (43) in Marokko opgepakt op verdenking van grootschalige drugssmokkel en tien jaar vastgezet. Na tussenkomst van het ministerie van Buitenlandse Zaken werd zijn onschuld aangetoond, maar vrijgelaten werd hij niet. In de cel bleef hij op de been door de brieven van zijn moeder, waarover hij na zijn vrijlating een bestseller schreef. Over dat boek geeft hij al jaren lezingen door het hele land.
Joseph Oubelkas (43) excuseert zich bij binnenkomst in het Van der Valk-hotel van Best-Eindhoven. Het was drukker dan hij had gehoopt, onderweg van Koggenland, waar hij een lezing over zijn ongewone leven gaf, naar het zuiden. Daarom is hij later. Maar Oubelkas zit niet snel bij de pakken neer. Niet na alles wat hij heeft meegemaakt. Hij werd geboren in 1980 in Raamsdonksveer, destijds een groeigemeente met veel industrie. Zijn vader was in de jaren zeventig als gastarbeider naar Nederland gekomen en werd in Rotterdam, waar hij werk vond als lasser, verliefd op zijn moeder, die werkte in de zorg.
Oubelkas, enig kind, kijkt terug op een fijne jeugd, ondanks de vechtscheiding die op zijn elfde een einde maakte aan het gezinsleven. Met een havodiploma op zak begon hij aan de studie hogere informatica in Breda. Hij had door kunnen studeren aan een universiteit, maar het bedrijfsleven trok hem meer. ‘Ik dacht: als het daar niks wordt, kan ik altijd nog gaan studeren.’
Gouden tijden
Hij begon als vertegenwoordiger bij een softwarebedrijf. Oubelkas had zoveel succes dat hij na een tijdje voor zichzelf begon, samen met een vriend. In die periode reden ze met een laptop op schoot industrieterreinen af en braken in bij bedrijfsnetwerken, om vervolgens bij die bedrijven aan te bellen en te vertellen dat ze hun firewalls moesten aanschaffen. ‘Het waren gouden tijden’, vertelt Oubelkas.
Op zijn 23ste werd hij door een bedrijf uit zijn netwerk gevraagd om een week per maand een project op poten te zetten in Marokko. Zijn opdracht bestond eruit dat hij voor Zwaard Fruit, een groothandel in groente en fruit, vlak bij de Marokkaanse stad Berkane een automatiseringsprogramma moest begeleiden. Een jaar lang ging het goed. Tot donderdag 23 december 2004.
Als Oubelkas over het moment vertelt dat zijn leven volledig op z’n kop zette, doet hij zijn ogen dicht. ‘Ik word die ochtend wakker in mijn appartement in Berkane, ontbijt en stap in de auto. Als ik aankom bij het bedrijf zie ik politieauto’s staan, met zwaailichten. Overal staan mannen met shotguns, huilende mensen. Ik vraag aan de agenten wat er aan de hand is. Als ze horen dat ik uit Nederland kom, word ik meegenomen naar het bureau. Daar werd me verteld dat er in twee bestelbusjes van het bedrijf achtduizend kilo hasj was gevonden.’

Tien jaar cel
Een advocaat van Zwaard Fruit vertelde hem dat alles goed zou komen. Hij zou maar een paar dagen de cel in moeten. Die dagen werden weken, in een cel met 36 anderen, met kakkerlakken en ratten. Na twee maanden hoorde Oubelkas zijn vonnis: tien jaar cel voor grootschalige drugssmokkel. In de bloei van zijn leven verdween hij in de Marokkaanse gevangenis. Onschuldig. ‘De politie had alle gegevens van de eigenaren van die busjes. Zij zijn waarschijnlijk opgebeld en hebben hun straf afgekocht. Die drugs hadden een straatwaarde van 24 miljoen euro. Met mij hadden ze het perfecte verhaal. Wie gelooft er nou dat een Nederlandse Marokkaan hier niets mee te maken heeft?’
In Nederland weigerde zijn moeder Janny het vonnis te accepteren. Ze ging naar het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag, waar ze zwoor niet te vertrekken voordat ambtenaren naar de zaak zouden kijken. Uit de Nederlandse vertaling van het Arabische vonnis bleek dat Oubelkas die decemberdag op het verkeerde moment op de verkeerde plaats was.
‘Er stond dat er in mijn paspoort tweeëntwintig inreis- en zeventien uitreisstempels stonden’, zegt Oubelkas met een verbeten trek om zijn mond. ‘Daaruit had de politie opgemaakt dat ik vaker een smokkelroute had gebruikt tussen Nederland en Marokko. Totaal niet waar. Er stonden elf inreis- en tien uitreisstempels in.’
Fout
Een advocaat van Buitenlandse Zaken dook met succes in de zaak. De autoriteiten gaven de fout toe, maar de straf bleef bestaan. Vanaf dat moment sprak Oubelkas met zichzelf en met zijn moeder af: ‘Mijn vrijheid hebben jullie afgepakt, maar mijn geest krijgen jullie niet. Ik moest verder met mijn leven. Mijn wereld werd de gevangenis van Salé, bij Rabat.’ Moeder Janny schreef intussen brieven aan haar zoon, uiteindelijk meer dan vierhonderd. Al in de gevangenis nam Oubelkas zich voor die brieven ooit te publiceren. Ze waren van levensbelang voor hem.
Veelgevraagd spreker
Na bijna vijf jaar werd besloten dat Oubelkas zijn celstraf mocht uitzitten in Nederland. In het Paleis van Justitie in Den Bosch kreeg hij te horen dat hij een vrij man was en dat zijn moeder en beste vriend hem op de gang zaten op te wachten. Die avond at hij voor het eerst in jaren weer de tomatensoep van zijn moeder, kon hij zich douchen en sliep hij in zijn eigen bed.
Er braken moeilijke maanden aan. Want zodra de euforie voorbij was, moest Oubelkas op zoek naar een doel in zijn leven. Hij besloot te gaan schrijven aan zijn boek. Het duurde anderhalf jaar voordat hij met het manuscript van ‘400 brieven van mijn moeder’ naar uitgeverijen stapte. Een kleine uitgeverij publiceerde het boek, dat een bestseller werd. Het is inmiddels toe aan de 26ste druk. Hij belandde in het lezingencircuit, en nu, twaalf jaar later, is hij toe aan lezing nummer 1.458.
Joseph Oubelkas is uitgegroeid tot een van de meest gevraagde sprekers van Nederland. Hij woont samen met zijn echtgenote Angela en zoontje Benjamin in een Limburgse woonboerderij uit 1726 en kijkt geregeld tevreden uit over zijn grond in de wetenschap dat alles kan, ongeacht de omstandigheden. ‘Als je er diep van binnen maar iets van wilt maken.’
- Auteur: Dennis Boxhoorn
- Fotograaf: Frank Ruiter
