

‘Ik wil de kids meegeven dat ik hen snap, voel en zie. Dat ze niet alleen zijn’
Oud & NieuwDen Haag is de dichtstbevolkte én tegelijkertijd meest gesegregeerde stad van Nederland. Veel wijken vormen een wereld op zich. Daartussen is nauwelijks beweging. Mensen komen elkaar niet tegen tijdens het sporten, niet op school en niet in de supermarkt. Astrid Feiter van Stichting Haags Verhaal en Shemar Holmond van Academy of Potential en OnLuck brengen daar verandering in. Hun activiteiten maken de stad inclusiever, rijker en veerkrachtiger.
Zij (61) woont op de statige Laan van Meerdervoort, hij (28) komt uit Moerwijk, een Haagse wijk waar ‘alles ver onder het Nederlandse gemiddelde scoort’. Tegen de Haagse gewoonte in hebben Astrid Feiter en Shemar Holmond elkaar gevonden. En dat proberen ze voor meer mensen te bewerkstelligen, om Den Haag inclusiever te maken, rijker en veerkrachtiger.
Samen waren ze curator voor het Stadmakersfestival, met dialogen, storytelling en stadsexpedities waarbij de stad onder andere beleefd werd met een voormalig dakloze gids. Het festival bracht iedereen in de stad samen die als vrijwilliger of professional werkt aan een betere stad – jong en oud.
Dat is hard nodig in Den Haag, vindt Feiter. ‘Het is namelijk de meest gesegregeerde stad van Nederland. Veel wijken vormen een wereld op zichzelf. Met de wereld daarbuiten is niet veel contact. Mensen komen elkaar niet tegen op de sport, niet op school. Nergens’, vervolgt ze. ‘Je krijgt op bepaalde plekken dus niet de codes mee hoe je je in andere werelden moet gedragen. Dat leidt tot uitsluiting. Dat zie je duidelijk terug in Nederland en zeker in Den Haag waar ook de derde generatie migranten, dus de kleinkinderen, nog steeds een andere uitgangspositie hebben dan de rest van Nederland.’
Rolmodel
Shemar Holmond, van Arubaanse komaf, bracht zijn jonge jaren door in het ‘gemoedelijke’ Hengelo. Hij herinnert zich zijn verhuizing naar Den Haag nog goed. ‘Er was in Hengelo voor mijn gevoel een grote sociale cohesie. Ik had daar allerlei vrienden, in alle kleuren. En het was normaal om elkaar te groeten op straat.’
Dat was in Den Haag, waar hij rond zijn tiende naar toe verhuisde, heel anders. De anonieme, naoorlogse, multiculturele hoogbouwwijk Moerwijk was een compleet nieuwe wereld voor hem. Bijna iedereen heeft er een migratieachtergrond en de kansen liggen er niet voor het oprapen. Dat Den Haag ook een andere kant had, ontdekte Holmond toen hij naar de middelbare school ging in het stadsdeel Segbroek, waar hij begon aan zijn gymnasiumopleiding. ‘Dat was weer iets heel anders.’

In die jaren werd hij maatschappelijk actief. ‘Ik hielp andere kinderen met hun huiswerk, richtte een redactie op voor een wijkkrant, organiseerde evenementen en zette mij in voor de zwarte gemeenschap. Ik deed, kortom, van alles en verknoopte dat met elkaar. En dat doe ik nog steeds, als docent en met mijn huiswerkbegeleidingsinstituut Academy of Potential en met Onluck, een organisatie die diverse impactvolle evenementen voor jongeren organiseert.’
Feiter: ‘Shemar is een rolmodel voor veel jongens en meisjes. Ze herkennen zich in jou. Kunnen groeien door jou.’ Holmond knikt. ‘Ik werk nu als docent op mijn oude school in Moerwijk. Ik wil die kids meegeven dat ik hen snap, voel en zie. Dat ze niet alleen zijn. Vroeger werd ik in de wijk weleens door de politie aangesproken. Dan zeiden ze dat ik nergens ging komen en andere negatieve dingen. Dat gebeurt nog steeds en is niet oké. Dat leg ik mijn leerlingen uit, maar ik leer hun ook dat ze zelf een sturende hand hebben in welke kant ze opgaan. Dat is nodig, want hun perspectief is vaak heel beperkt. Ze komen de wijk zelden uit en hun ouders hebben te veel sores aan hun hoofd om zich met de ontplooiing van hun kinderen bezig te houden.’
Klein zaadje
Astrid Feiter nodigde hem uit voor Young Stories, verhalenbijeenkomsten voor en door jongeren. ‘Jong en oud, Hollands en Antilliaans, we kunnen zoveel van elkaar leren. En nee, ook in deze polariserende tijd is dat absoluut geen dweilen met de kraan open. Want al plant je maar een klein zaadje bij iemand, dat is vaak levensveranderend.’
Zo bracht Feiter de tilduivenbond in contact met de Surinaamse zangvogelvereniging. ‘Het zijn mannen en ze houden van vogels. Meer hebben ze op het eerste gezicht niet met elkaar gemeen. Totdat ze elkaar hun verhaal vertelden. Toen bleek dat ze hun liefde voor vogels allemaal van hun opa hadden gekregen. Dat schiep een band en gaandeweg ontdekten ze dat er meer overeenkomsten waren dan ze dachten.’
‘We hebben allemaal ons verdriet en onze leuke momenten’, vervolgt Feiter. ‘Als we die met elkaar delen, gaan we anders naar elkaar kijken. Dat zien wij telkens gebeuren bij Haags Verhaal en Young Stories. Mensen die gepest zijn in hun leven en daar op hun zestigste nog om moeten huilen. Dat zet iedereen aan het denken over zichzelf en over de ander. En dat is ook zo mooi aan Shemars verhaal. Hij kan vertellen wat er vroeger tegen hem werd gezegd en laten zien waar hij nu staat in het leven. Daarmee inspireert hij anderen.’
Holmond: ‘Door momenten te creëren waarin je ervaringen deelt, elkaar echt ziet en helpt, groei je als mens. Maar ook als stad. Dat maakt onze samenwerking zo waardevol voor Den Haag.’
- Auteur: Marijn Kramp
- Fotograaf: Merlijn Doomernik















