

Wonen, werken en leren op een bijzonder landgoed
ReportageOp Parc Spelderholt in Beekbergen wonen, werken en leren jongeren met een verstandelijke beperking. Ze volgen hier een traject om zelfstandiger te worden en vaardigheden op te doen in horeca, dienstverlening of onderhoud. Dit doen ze door mee te werken in het hotel, restaurant en op het terrein van het landgoed, die allemaal geopend zijn voor gasten. Na vier jaar krijgen ze een diploma en kunnen ze een stuk zelfstandiger de wijde wereld in. ‘De grootste winst is hun persoonlijke groei.’
Iedereen die aankomt op het majestueuze landgoed Parc Spelderholt in Beekbergen krijgt een warm welkom. Studenten die zogenaamde ‘Pleinzicht’-dienst hebben, ontvangen de gasten.
‘Dat is de enige dienst waarbij je gewone kleren aan mag’, lacht Chris (20). Samen met een medestudent heeft hij vandaag als taak om gasten op te wachten bij de ingang van het park, om ze vervolgens naar de receptie van het hotel of naar hun afspraak te brengen. Op de zonnige dag dat wij een dagje meelopen, doet hij dat lekker in korte broek.
Leergangen
Medestudent Fleur (20) draagt wel keurige werkkleding, want zij volgt de leergang dienstverlening. ‘Dat betekent dat ik bijvoorbeeld schoonmaak en stofzuig’, vertelt ze. ‘Maar ik check ook in de agenda of er afspraken zijn en stuur mailtjes, dat vind ik het leukst om te doen.’
‘Er zijn drie verschillende leergangen’, legt directeur/bestuurder Desirée Gertsen uit. ‘Horeca, dienstverlening en onderhoud. In principe volg je vier jaar lang dezelfde leerlijn, maar als iets echt niet bij je blijkt te passen, kun je wisselen. Er studeert hier een jonge vrouw die begon bij horeca, maar toch liever naar onderhoud wilde. Nu zit zij op de trekker.’
Rabobankje
Het bijzondere van Parc Spelderholt is dat jongeren met een verstandelijke beperking hier werken, leren én vijf dagen per week wonen. Eén dag per week krijgen ze theorieles over hun leerrichting en de rest leren ze in de praktijk in het hotel, het restaurant of op het terrein. En er zijn externe stages, zoals bij sportwinkelketen Decathlon. ‘Die hebben zich aan ons verbonden’, aldus Gertsen. ‘Onze studenten kunnen bij al hun filialen aan het werk.’
Fleur heeft op een briefje geschreven wat ze ons allemaal wil laten zien. Ze wil de rondleiding beginnen in het hotel, maar als we haar tijdens het lopen vragen wat ze de allerfijnste plek vindt op het landgoed, staat ze stil en wijst naar een plek een paar meter verderop. ‘Dat bankje’, zegt ze. ‘Je kunt er lekker zitten en genieten van het mooie uitzicht.’ Het bewuste bankje blijkt er nog niet zo lang te staan. ‘We hebben het onlangs gekregen van Rabobank’, vertelt Gertsen. ‘Zij hebben de aankoop van het landgoed door onze stichting gefinancierd.’
Onderhandelen
Om het landgoed te kunnen gebruiken, had de stichting een erfpachtcontract met het Rijk. Toen duidelijk werd dat dit niet verlengd zou worden, moest Parc Spelderholt op zoek naar een andere oplossing. Vier jaar praten, onderhandelen en rekenen volgden.
Uiteindelijk kwam de financiering rond en stelde de gemeente Apeldoorn zich garant. Op 17 juni 2025 werd de koop officieel beklonken en kwam het landgoed definitief in handen van de stichting zelf. Gertsen: ‘We zijn ontzettend blij dat Parc Spelderholt nu ons eigendom is en we door kunnen gaan met wat we doen.’
Gevoel van trots
Fleur en Chris nemen ons mee naar het restaurant, waar studenten, hun begeleiders en het keukenpersoneel druk bezig zijn met de voorbereidingen voor de lunch. ‘We doen hier van alles’, vertelt Fleur. ‘Glazen neerzetten en bestek neerleggen bijvoorbeeld. Maar we vragen ook aan de gasten wat ze willen eten en drinken. Dat moet je dan onthouden en doorgeven aan de chef.’
Gertsen vult aan dat kwaliteit en gastbeleving altijd voorop staan. ‘Dat is een van de belangrijkste lessen voor onze studenten; niet alleen om het vak goed te kunnen leren, maar ook voor hun gevoel van trots. Wijn wordt geschonken met zo’n mooie, witte doek om de fles en net als in een ander restaurant gaat koffie met een voetbad terug naar de keuken.’
Die kwaliteit krijgen de hotelgasten natuurlijk ook. Hun kamers moeten piekfijn in orde zijn. ‘Ik vind het hotelwerk altijd leuk’, vertelt Chris. ‘Gisteren heb ik de koffiehoekjes in de hotelkamers netjes gemaakt en de theezakjes, koffie, suiker en melk aangevuld.’
Verantwoordelijkheid
De volgende stop is Pleinzicht, waar Chris vandaag staat. Hier leren studenten meer dan alleen gasten welkom heten. Ze houden de ontvangstruimte netjes, controleren of alle lessenaars klaarstaan, printen roosters uit en beantwoorden telefoontjes.
Vandaag worden er koksbuizen gestreken voor keukenmedewerkers. ‘Belangrijke stappen in zelfredzaamheid’, zegt Gertsen. ‘Ze leren kleding verzorgen, plannen, samenwerken en verantwoordelijkheid nemen.’
Vrolijke smileys
De studenten wonen ook op het landgoed. Chris leidt ons naar het Boshuis waar hij van maandag tot en met vrijdag woont. Houten smileys, gemaakt door de studenten bij Onderhoud, bungelen vrolijk in de grote boom op het plein. Zes studentenhuizen staan er naast elkaar, elk met negen studenten. ‘Iedereen heeft een eigen kamer’, zegt Chris. ‘De badkamer en wc deel je met drie of vier huisgenoten. In de gezamenlijke ruimtes eten we samen of doen we een spelletje. Het is heel gezellig. Ik zit hier nu een jaar en heb veel vrienden gemaakt.’
Studenten houden hun kamers zelf bij, doen de was en koken samen. ‘Die dagelijkse dingen maken dat ze straks goed voorbereid zijn als ze uitstromen naar een baan en eigen woonplek’, legt Gertsen uit. ‘We kijken per student wat er nodig is. De een kan alles zelf, de ander heeft wat meer sturing nodig.’
Logeerpartijen
Naast de vaste studenten zijn er ook regelmatig logés op Parc Spelderholt: jongeren met een verstandelijke beperking die even komen proeven van het leven hier. Zij draaien een paar dagen mee, maar verblijven als echte gasten in het hotel. Gersten: ‘Het is bedoeld om te wennen aan het idee van hier wonen en werken. Zo kunnen we samen kijken of het bij hen past. Voor veel jongeren is het spannend om van huis weg te gaan. Maar als ze hier ervaren hoe warm en professioneel het is, durven ze de stap sneller te zetten.’
Als Fleur en Chris verder moeten met hun taken en we afscheid van hen hebben genomen, vertelt Gertsen dat de persoonlijke groei van studenten de grootste winst is. Volgens haar zorgt de samenhang van wonen, werken en leren ervoor dat ze zelfstandiger worden en zelfvertrouwen krijgen.
‘Hierdoor wordt hun kans op een baan vergroot en kunnen ze bij een werkgever werken die past bij hun mogelijkheden en interesse’, legt ze uit. ‘Voor bedrijven is het goed om te weten welke mogelijkheden zij hebben, wie ze zijn en wat je van hen kunt verwachten. In het begin kan er extra begeleiding nodig zijn om elkaar en het werk te leren kennen. Het zou helpen als er meer banen beschikbaar komen voor jongeren met een beperking.’
Een rijke geschiedenis
De naam Spelderholt duikt voor het eerst op in 1730, in verband met een boerderij aan de Speelweg. ‘Spel’ verwijst mogelijk naar een kerspel (kerkdorp), ‘holt’ betekent bos. In 1905 kocht jonkheer Louis Frederik Teixeira de Mattos, civiel ingenieur en politicus, de woeste gronden van Spelderholt, met een oppervlakte van bijna 763 hectare. Hij gaf opdracht aan architect Frits Haitsma Mulier om een monumentaal buitenverblijf te ontwerpen, dat in 1908 werd voltooid. De eerste steen werd in 1907 gelegd door zijn dochter. Leonard Springer, bekend landschapsarchitect, ontwierp park en tuin. Hiervoor waren 25 treinwagons compost nodig. Een sequoia die toen werd aangeplant, is met zijn 44 meter inmiddels de hoogste van Nederland.
Dolle Dinsdag
In 1921 droeg Teixeira de Mattos het landgoed – op ongeveer 14 hectare na – over aan de Staat. Staatsbosbeheer kreeg beheer over de bossen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het landhuis door de Duitse bezetter gevorderd. Rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart en Generalkommissar Friedrich Wimmer verbleven er vanaf 1942. Na Dolle Dinsdag trok de Duitse top zich deels terug op Spelderholt. Aan het einde van de oorlog nam prins Bernhard, als bevelhebber van de binnenlandse strijdkrachten, tijdelijk zijn intrek in het kasteel. Er gaan verhalen dat ook prinses Juliana kort op het landgoed verbleef.
Sinds 1997 draagt Stichting Parc Spelderholt zorg voor het landgoed en eerder dit jaar werd de stichting eigenaar van het landgoed. Het rijke verleden van deze bijzondere plek – van een buitenverblijf voor de adel en tijdelijk onderkomen van prins Bernhard tot een plek voor inclusief onderwijs – maakt Spelderholt tot een fascinerend landgoed.
- Auteur: Suus Ruis
- Fotograaf: Martin Hoogeboom




























