8 min

De ziel van Everdingen

Reportage

Ruim tien jaar geleden zette een groep inwoners van Everdingen de Stichting Vitaal Dorp Everdingen op om het dorp nieuw leven in te blazen. Inmiddels runnen ze een winkel, verbouwen ze groenten, bieden ze werkgelegenheid aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en brengen ze ouderen en mensen met een beperking samen. Tijdens een bezoek aan Everdingen wordt duidelijk dat het initiatief meer dan geslaagd is. ‘Het dorp bruist en is weer aantrekkelijker geworden, ook voor jongere mensen.’

Tussen Vianen en Culemborg, de A2 en de Lek ligt Everdingen. Voor wie dat alleen kent van het filenieuws op de radio (knooppunt Everdingen), is het verrassend hoe het dorp midden in het groen verborgen ligt. We bezoeken hier buurtwinkel Winkel & Zo, onderdeel van Stichting Vitaal Dorp Everdingen. Deze runt behalve een winkel ook een zorgpunt, een koffiecorner met een bibliotheekje, een dorpskrant – De Everdingse Courant - en een landgoed.

Meewerkers

De stichting doet dat samen met meer dan honderd vrijwilligers, allemaal afkomstig uit het dorp en omgeving, en met 21 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt: de zogenaamde meewerkers. ‘In Everdingen wonen zo’n twaalfhonderd mensen’, vertelt coördinerend begeleider Lisette de Ridder, terwijl ze ons rondleidt. ‘Dus een op de twaalf inwoners zet zich hiervoor in.’

We lopen in de winkel langs gekoelde producten, zelfgemaakte jams, vruchtensappen en bier, en veel verse, onbespoten groenten. ‘Allemaal streekproducten van naburige leveranciers of van ons eigen landgoed’, zegt ze trots, waarna de route verder gaat langs een opvallend divers assortiment kruidenierswaren. ‘We hebben een heel persoonlijk contact met al onze leveranciers. Ze denken met ons mee, we werken nauw samen. Dat is belangrijk, want we zijn nu eenmaal anders dan andere afnemers.’

In 2013 zat Everdingen in een dip. Het dorp verouderde, jonge mensen trokken weg en winkels sloten hun deuren. Er moest iets gebeuren, vond een groep in­woners. Ze richtten de Stichting Vitaal Dorp op met als doel de vitaliteit van het dorp en de inwoners te vergroten en bovendien iets te doen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zoals Joy (23), felrood shirt en vrolijk rood-wit-blauw geruite jasje, het uniform van de winkel-meewerkers.

Stinkende mest

Joy is bezig met vakkenvullen. Heel secuur spiegelt ze flessen frisdrank. ‘Ik werk ook op het landgoed’, vertelt ze, ‘maar ik houd niet van het mesten, dat stinkt zo. De laatste keer dat ik moest mesten, ben ik anderhalf uur op de wc blijven zitten om eraan te ontkomen’, grinnikt ze. Liever werkt ze in de winkel. ‘Het klantcontact is het leukst, je voert altijd een gesprekje en er wordt veel gelachen.’ Joy woont in Tiel, een half uur verderop. ‘Mijn moeder of begeleider brengt en haalt mij, want ik ben de enige meewerker die daar vandaan komt.’

Van streekromans tot thrillers

Behalve Joy werken er vandaag nog vijf meewerkers in de winkel, onder begeleiding van twee betaalde krachten. ‘Ze vullen vakken, bedienen de kassa en maken koffie voor klanten. ‘Soms nemen klanten een boek mee’, vertelt Lisette, wijzend naar de grote kast waar de boeken per genre staan ingedeeld; van ouderwetse streekromans tot moderne thrillers.

‘Meewerkerszorgenookvoorveelplezierenverbinding.Mensengaanhiervrijwelaltijdvrolijkweernaarbuiten’

‘Onze meewerkers ontwikkelen zich hier enorm’, vervolgt ze. ‘Ook mensen met bijvoorbeeld autisme zie je opbloeien. Zij vinden hier een veilige omgeving en leren daardoor beter omgaan met veranderingen en prikkels.’ Terwijl ze vertelt, loopt een vrijwilliger binnen met een krat vol verse groente. Die gaat linea recta het schap in. ‘Verser krijg je het niet’, lacht Lisette.

De winkel heeft een doorgang naar het aanpalende dorpshuis. ‘We werken nauw samen met de gemeente’, vertelt Aricia Ike, bestuurslid van de Stichting Vitaal Dorp. ‘We gebruiken bijvoorbeeld af en toe hun grote zaal, voor onze playbackshows.’ Aricia is met name betrokken bij het welzijnswerk van de stichting. Een speciaal opgeleide welzijnscoach organiseert activiteiten, zoals koffieochtenden, spelmiddagen en de haak&breiclub. ‘En als mensen thuis hulp nodig hebben, dan kan de welzijnscoach ook bij hen langskomen.’

Strooien hoed

Aricia en Lisette begeleiden ons naar buiten, om een kijkje te nemen bij Landgoed Everstein waar onder meer die verse groenten worden verbouwd. Op de parkeerplaats treffen we meewerker Esmee (22). Met haar strooien hoed lijkt ze weggelopen uit een Franse plattelandsfilm. Ze werpt ons een kushandje toe en laat een medaille zien. ‘Net gekregen’, vertelt ze, en ze leest voor wat erop staat: ‘De sterkste vrouw van het landgoed’. ‘Goed hè!’, lacht ze, en trekt haar hoed over haar ogen. ‘Esmee werkt alleen op het landgoed’, vertelt Lisette. ‘Daar komt zij het best tot haar recht.’

Landgoed Everstein ligt op vijf minuten lopen van de winkel en beslaat een perceel van ruim zesduizend vierkante meter, met daarop een kas van duizend vierkante meter. Buiten staan oude perenbomen in bloei, binnen zien we rijen met alle mogelijke kruiden, rode biet en watermeloen, en tafels met tientallen aardbeienplanten. Meewerkers Kevin en Yvette bestuiven de planten met de hand, door met een kwastje het stuifmeel op te nemen en aan te brengen op de stampers van de vrouwelijke bloemen.

Plantjes verspenen

Yvette (24) werkt al zeven jaar vier dagen per week voor Vitaal Dorp. ‘Ik leer nog steeds veel’, zegt ze. ‘En ik ben heel goed geworden in het verspenen van plantjes. Het leukste van hier werken vind ik dat het zo afwisselend is. Ik werk ook in de winkel, maak elke donderdag soep, vouw de krant één keer in de twee weken en ik help bij de ouderen. O, en ik zorg voor Duo Penotti en Dikkie Dik, de twee katten die hier de muizen verjagen.’

Vilt, wol of kralen

In de kas bevindt zich ook een atelier waar meewerkers en vrijwilligers samen cadeauartikelen maken. ‘Wat we maken hangt af van de spullen die we krijgen’, vertelt Lisette. ‘Soms is dat vilt en wol, soms zijn het kralen. En alles wat hier wordt gemaakt, wordt ook weer in de winkel verkocht.’

Na het bezoek aan het landgoed en de kas lopen we nog even binnen in het clubhuis van voetbalclub Everstein, waar de deelnemers van Met@Voor tezamen zijn. Zes jaar geleden begon het bestuur dit tweewekelijkse initiatief voor ouderen, veelal mensen die geen indicatie hebben, maar soms wel beginnend dementerend zijn. ‘Met behulp van meewerkers met niet-aangeboren hersenletsel of een verstandelijke beperking doen zij spelletjes en allerlei creatieve activiteiten.’

Bloemschikken en rummikuppen

‘Die twee groepen gaan goed samen’, legt Aricia uit. ‘Na afloop lunchen ze ook met elkaar.’ In het clubhuis staan op een lange tafel bloemstukjes die de deelnemers zojuist hebben gemaakt. De lunch loopt op zijn eind, ze eten een toetje en kletsen nog wat na. ‘Dit zijn mensen van Rabobank’, introduceert Lisette ons. ‘Maar ik zit bij de Amro Bank!’, roept een oudere dame ad rem. Ze heeft de lachers op haar hand. ‘Wij zijn van de Rummikub-club’, grijnst een heer, terwijl hij het spel op tafel zet. ‘Voorlopig zitten we hier nog wel even.’

Stichting Vitaal Dorp richt haar activiteiten niet alleen op meer welzijn voor de inwoners en meewerkers, maar ook op een beter milieu. Om die reden begon de stichting in 2019 het project ‘Energiedorp Everdingen’, met als doel om het dorp in een paar jaar tijd te laten overstappen op duurzame energie. Zowel voor de verwarming van de huizen als voor de stroomvoorziening. Inmiddels is het initiatief doorgegaan als zelfstandige energiecoöperatie Huibertstroom en komt het gemeenschappelijke warmtenet voor Everdingen steeds dichterbij.

Zelf zijn ze bezig met het vervangen van koelvloeistoffen en de airconditioning in de winkel door meer duurzame varianten, onder meer met behulp van een duurzaamheidsbijdrage van Rabobank. Aricia: ‘We leggen momenteel ook zonnepanelen op het dak en overwegen de aanschaf van een warmtepomp. Maar daar moeten we eerst weer even voor sparen.’

Geen ziel

‘Zonder winkel heeft een dorp geen ziel’, benadrukt ze nog maar eens bij het afscheid. ‘Hier komen mensen samen, ze praten met elkaar. Zeker sinds de koffiecorner er is, spreken ze elkaar meer. Door Met@Voor komen veel ouderen hun huis weer uit en onder de mensen.’ ‘En de meewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt leren veel, maar voegen ook veel toe’, vult Lisette aan. ‘Bij veel dagbesteding worden de mensen vooral beziggehouden.’

Plezier en verbinding

Hier zijn ze echt aan het werk. En ze zorgen ook voor veel plezier en verbinding. Je ziet klanten geduldiger en vriendelijker worden. Mensen gaan hier vrijwel altijd vrolijk weer naar buiten. Het dorp bruist en is weer aantrekkelijker geworden, ook voor jongere mensen. Het aantal jonge gezinnen neemt weer toe, er zijn plannen om nieuwe woningen te bouwen. Het tij is aan het keren.’

  • Auteur: Deirdre Enthoven
  • Fotograaf: Sanne Donders

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens