Vorig artikel

7 min

‘De meeste ideeën krijgen we aan de keukentafel’

Reportage

Wat ooit begon met tachtig melkkoeien en een bescheiden ijskar groeide uit tot een enorm speelpark voor kinderen. Eigenaren Lydia en Erik van der Linde transformeerden hun melkveehouderij tot een speelparadijs waar jaarlijks honderdduizend bezoekers op afkomen. Alles op het terrein van de Drentse Koe, dat werd uitgeroepen tot leukste uitje van de provincie, ademt nog de authentieke sfeer van het boerenleven. ‘Als de volgende generatie het uiteindelijk van ons overneemt, zou dat fantastisch zijn.’

Op een zonnige lentedag rennen kinderen met rode wangen langs springkussens, skelters en koeienstallen op speel- en ijsboerderij De Drentse Koe in Ruinerwold. Iets verderop op het terrein aaien kinderen geiten, ezels, schapen en konijnen. Het is een kakofonie van stemmen, maar vooralsnog lijkt het redelijk rustig voor een van de eerste woensdagmiddagen waarop je zonder jas naar buiten kunt.

Maar schijn bedriegt, volgens Lydia van der Linde, samen met haar man Erik eigenaar van de speelboerderij. ‘Het lijkt misschien rustig, maar dat komt doordat het zo ruimtelijk is’, zegt ze. ‘Het terrein is twee hectare groot, met 40.000 vierkante meter aan binnenspeelruimte.’

Boerenspeelplezier

‘Vandaag zijn er zo’n 350 mensen, maar die zijn zo verspreid dat het er misschien minder lijken. ’s Zomers zijn er soms wel 600 mensen op een dag, dan is het filerijden op de Wolddijk.’ Lydia heeft geen vaste taken op dagen zoals deze; ze loopt rond en houdt het overzicht. Haar man Erik zit iets verderop op een rode graafmachine. Een jongetje staat ademloos te kijken hoe de machine moeiteloos grote bergen zand omschept. ‘De meeste kinderen vinden het machtig mooi om dat van dichtbij te zien’, vertelt Lydia. ‘Mijn man vraagt regelmatig of kinderen even mee willen op de trekker als ze zo staan te kijken. Maar voor veel kleintjes is dat net iets te spannend.’ 

Twee kinderen die hier vandaag zijn, zijn Milan (9) en zijn zusje Lorèn (6) uit Zwolle. Terwijl hun moeder Chantal toekijkt hoe ze de trap van de hoge glijtoren opklimmen, vertelt ze dat de kinderen hier al eerder met schoolreisje zijn geweest en dat dat een groot succes was. ‘Boerenspeelplezier’ noemt Lydia het. Met overal trekkers, koeien en hooi ademt alles hier die typische boerderijsfeer. 

Melkkoeien

Het is niet zo gek dat het kinderparadijs een boerenthema heeft – van oorsprong was dit een melkveehouderij. Het thema past bij de voormalige agrariërs en slaat aan bij de bezoekers. ‘Wij hadden tachtig melkkoeien’, vertelt Lydia. ‘In 1999 begonnen we daarnaast met ijs maken, ik ging met de ijskar de buurt in om dat te verkopen. In 2002 werd onze tweeling Herjanne en Marieke geboren en verkocht ik ons ijs vanuit huis. We zetten buiten een paar stoeltjes neer, zodat mensen hun ijsje konden eten op het terras. Op de trampoline en schommel die we voor onze kinderen hadden neergezet, kwamen behalve hun vriendjes en vriendinnetjes ook andere kinderen af.

Van het een kwam het ander.’ In 2005 legde het echtpaar een maisdoolhof aan en in 2006 werd de Drentse Koe officieel een speeltuin. Toen nog niet heel groot: er waren een paar traptrekkers en een springkussen en alles werd nog gecombineerd met het melkveebedrijf. In de jaren erna groeide het langzaam uit tot het enorme speelpark dat het vandaag de dag is.

Leukste uitje van Drenthe

In 2017 werden de melkkoeien verkocht. De oude koeienstal werd omgetoverd tot een klimpark. Heel bijzonder: kinderen kunnen er klimmen boven echte koeien, want het echtpaar heeft nog altijd wat jongvee.

Lydia: ‘We kregen het op een gegeven moment zo druk met de speeltuin, dat het niet meer te combineren viel met de veehouderij. Toen kreeg het terrein officieel een recreatieve bestemming. In de beginjaren trokken we tienduizend tot twaalfduizend bezoekers per jaar, nu zijn dat er gemiddeld honderdduizend. Zo’n vijfduizend mensen hebben een abonnement, waardoor ze het hele jaar onbeperkt langs kunnen komen.’ De Drentse Koe is dus een groot succes. Dat het speelpark begin dit jaar opnieuw werd uitgeroepen tot Leukste Uitje van Drenthe, bevestigt hoe geliefd het is.  

Kindermanege

Milan wil dat maisdoolhof waar Lydia het over had weleens zien, maar dát kan helaas nog niet. ‘De mais moet nog hoger worden’, legt Lydia uit. ‘Het doolhof is er van juli tot en met september. Maar ik wil jullie wel iets anders laten zien.’ Lydia gaat de kinderen voor naar een grote schuur met drie verdiepingen. Deze speelschuur – de tweede die De Drentse Koe rijk is – werd afgelopen december geopend. Het meest opvallend op de begane grond is de manege: een grote ‘paardenbak’ met tientallen pluche paarden in alle soorten en maten. Door met je voeten de beugels naar beneden te trappen, bewegen de paardjes zich voort. Voor de kinderen is het levensecht.

Milan springt meteen op het grootste paard dat hij ziet staan. Lorèn spot helemaal aan de andere kant van de bak een eenhoorn, waar ze direct op klimt. ‘Ze is zes, dus eenhoorns zijn favoriet’, lacht haar moeder. In normale speeltuinen of attractieparken zie je dit soort paardjes niet. Waar vind je die? ‘We gaan natuurlijk naar beurzen’, zegt Lydia. ‘Daar zie je van alles. Deze bewegende dieren stonden er als olifant en zebra. Wij kijken elkaar dan aan en vragen ons af hoe we zoiets kunnen koppelen aan het boerderijthema. Toen kregen we het idee voor de manege. De meeste ideeën voor onze speelboerderij krijgen we aan de keukentafel.’ Ze lacht. ‘Soms drukt mijn man zijn zin door, soms ik.’ 

Subsidie

Milan en Lorèn zijn moeilijk weg te krijgen bij de paardjes, maar ze zijn toch ook wel heel nieuwsgierig naar de glow-in-the-dark kelder van de nieuwe speelschuur. Je kunt er rolschaatsen, een rondje rijden op de trekkerbaan en verschillende laserspellen doen. Het lukt Milan om de groene laserstralen te ontwijken en de andere kant van de donkere kamer te bereiken. Lorèn vindt de laserstralen ook leuk, maar wil liever even bowlen. Het is de enige activiteit waar je bij de Drentse Koe apart voor moet betalen. Lydia: ‘In dat soort kleine tractoren als op de trekkerbaan moet je meestal een euro doen, maar kinderen op schoolreisje hebben geen muntgeld. En je wilt ook niet dat kinderen er iets anders in stoppen en het kapot gaat.’

Over de vraag op welk onderdeel van De Drentse Koe Lydia het meest trots is, hoeft ze niet lang na te denken: de nieuwe speelschuur. Voor het realiseren van de uitbreiding kregen ze een subsidie van LEADER, een fonds dat initiatieven op het platteland ondersteunt, en bijdragen van verschillende sponsoren. En er was de (onmisbare) financiering van Rabobank. 

Wezullenaltijdijsblijvenverkopen.Zoishetooitbegonnenenhetblijfteengrootsucces’

Hooiberg-springkussen

‘Het is een fikse investering geweest, maar het was elke cent waard. Het speelplein hier bij de manege is vooral bedoeld voor de peuters; zij kunnen in principe bijna overal op de boerderij spelen, maar worden nog weleens omver gelopen door de grotere kinderen. Hier kunnen ze rustig spelen, onder andere op het springkussen in de vorm van een hooiberg.’ Loetje de koe in de speelschuur is ook een nieuw podium – inclusief geluidsinstallatie – gebouwd voor Lisa en Loetje.

Loetje de koe

Loetje de koe is de mascotte van het park en geeft samen met boerinnetje Lisa op zaterdag en zondag (tijdens schoolvakanties ook op woensdag) twee keer per dag een show. ‘Daar zijn we mee begonnen tijdens corona’, vertelt Lydia. ‘Toen moesten we het – uiteraard – buiten doen, maar de buren vonden het wat veel, twee keer per dag dezelfde liedjes.’ Heel even zijn Milan en Lorèn aan de aandacht van hun moeder ontsnapt. Zij vindt ze al snel terug bij… de ijsjes. Na 27 jaar maken ze het ijs bij de Drentse Koe nog steeds zelf, naar een eigen recept. En eerlijk is eerlijk, het is verrukkelijk.

Opvolging

‘Vroeger gebruikten we de melk van onze eigen koeien, tegenwoordig halen we die bij mijn broer in Dwingeloo, hij heeft 240 melkkoeien, dus hij heeft genoeg. We zullen altijd ijs blijven verkopen. Zo is het ooit begonnen en het blijft een groot succes.’

Verdere uitbreidingen van het boerenspeelparadijs hoeven we niet te verwachten; alles wat Erik en Lydia van der Linde wilden, is er nu. Maar er valt zeker nog iets te dromen. Hun tweeling is inmiddels 24 jaar oud – eentje studeert diergeneeskunde, de ander werkt bij De Drentse Koe in de horeca. ‘Als de volgende generatie het uiteindelijk van ons overneemt, zou dat fantastisch zijn.’

  • Auteur: Suus Ruis
  • Fotograaf: Koen Verheijden

Meer lezen over deze onderwerpen?

Koffie met een missie

Rabo Foundation

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens