8 min

Een passie voor weidevogels

Reportage

Als de roep van de eerste kieviten te horen is, weten de leden van de Vogelwacht Wolvega en omstreken: het is zover. Tijd om de weilanden in te gaan om nesten te zoeken. Sinds kort helpt een drone hierbij. Die spoort weidevogels en nesten veel sneller op. Toch gaan vrijwilligers ook zelf nog de velden in. ‘Dat is je passie.’

‘Hoor je dat? De tureluur!’ juicht Joke Smink (62) als ze met haar medebestuursleden van Vogelwacht Wolvega door het weiland bij Nijeholtwolde loopt. Het is het roepende, fluitende ‘fluu’ van de vogel die boven het grasland aan de Ontginningsweg vliegt. ‘Ze zullen wel nesten hebben’, vermoedt Jeroen Hofstee (43), die het opzoeken en markeren van nesten coördineert. Piet Klijnstra (64): ‘Dit zijn mooie geluiden.’

Met bamboestokken

Het is een winderige, regenachtige dag, maar af en toe breekt een lentezonnetje door. De vogelwachters zijn net een hek over geklommen en gaan het boerenland in. Met bamboestokken, om nesten te markeren, in de hand lopen ze door het ‘fûgeltsjelân’. Uit een sloot wordt water over het land gepompt, wat plasdras wordt genoemd. ‘Een nat weiland is gunstig voor weidevogels’, legt Smink uit. ‘In vochtige grond kunnen ze met hun snavels gemakkelijker wormen pikken.’

Nestbeschermers

Het land is van veehouder Johan Baas (58), die de weidevogels een warm hart toedraagt. Om kuikens de kans te geven op te groeien, maait hij veel later dan gebruikelijk. Leden van de Vogelwacht mogen zijn land op om nesten te zoeken, te markeren en nestbeschermers te plaatsen.

Maaien uitstellen

De Vogelwacht is blij met de zorg die boeren aan de weidevogels geven. Tegen een vergoeding kunnen ze bijvoorbeeld het maaien uitstellen, zodat kuikens veilig kunnen opgroeien. Een andere maatregel is om het weiland te laten beweiden. Koeienvlaaien trekken insecten aan, waarmee weidevogels zich voeden. Ook het land gedeeltelijk onder een laag water zetten helpt ze.

Stroresten uit stalmest

Het viertal loopt verder. Op zoek naar nesten van de tureluur, waar ze een bamboestokje bij kunnen zetten. ‘Meestal zitten die verscholen in graspollen’, licht Smink toe. Klijnstra: ‘Hun nesten maken ze van de stroresten van de ruige stalmest die de boer heeft uitgereden.’ Ook boerenzoon en oud-veehouder Klijnstra kreeg de liefde voor weidevogels met de paplepel ingegoten.

Donzige kuikens

‘Ús heit zat al bij de Vogelwacht, dus ik ben ermee opgegroeid. Ik ging met hem als jochie mee het veld in’, zegt Klijnstra. Maar anders dan menig aaisyker liet hij de gevonden kievitseieren altijd liggen. ‘Ik had liever dat ze uitkwamen. Daarom ook markeerde ik de nesten, zodat landbouwmachines ze niet kapot zouden rijden.’ Zijn dochter zat als driejarig meisje al bij hem op de trekker. ‘Die kleine, jonge vogeltjes vond ze heel bijzonder. En dat zijn die donzige kuikens ook.’ ‘Ja’, knikt Smink. ‘Het is ook mooi te zien als het ei breekt en er een vogeltje uit tevoorschijn komt.’

‘Vroegerkregenzonenensomsookdochtersdeliefdevoorweidevogelsvanhunvaderofopamee.Tegenwoordiggebeurtdateenstukminder’

Roofdieren

Aan de rand van het plasdrasland vindt Hofstee het nest van een kievit. Hij buigt zich er overheen. Vier eieren ziet hij, in het Fries een ‘broedsje’. ‘Eerst lag het nest plat op de grond, maar toen het natter werd, heeft de vogel het opgehoogd met stro­resten. De eitjes zijn nog warm.’ Tegenover het broedsel staat een camera. ‘Zo kunnen we zien of en welke roofdieren actief zijn’, verduidelijkt Hofstee. Vogelwachter Bauke van der Valk komt aanlopen met een kapot kievitsei dat hij in een greppeltje heeft gevonden. ‘De tandjes zitten er nog in’, laat hij zien. ‘Waarschijnlijk van een vos of een steenmarter. Alles wordt opge­geten’, zucht hij.

Frustratie

Predatie door roofdieren is een groot probleem bij het beschermen van weidevogels, vertelt Hofstee. ‘De kans is groot dat vossen, roofvogels, hermelijnen, steenmarters en dassen eieren en kuikens opeten.’ De frustratie daarover bij de vrijwilligers is groot, weet hij. Hofstee wijst op een klepval die aan de rand van het weiland staat, om vossen te vangen. ‘Die is echt nodig. Hier lagen zes, zeven kievitsnesten, maar alle eieren daarin zijn opgegeten.’

Steenmarters wegvangen

Ook de beschermde steenmarters mogen in het weidevogelgebied worden weggevangen. De Vogelwacht heeft er een speciale ontheffing voor. En ook dat helpt, verzekert Hofstee. ‘Sinds 2019 vangen we steenmarters en na twee jaar bleek de predatie door deze roofdiertjes nihil. Hierdoor hebben weidevogels veel meer kans gekregen hun kuikens groot te brengen.’

Zwaluwwand

De belangrijkste taak van de Vogelwacht Wolvega e.o. is de nazorg voor weidevogels. Daarnaast worden in het voorjaar samen met kinderen nestkastjes schoongemaakt. Ook wordt een zwaluwwand onderhouden, waar de vogeltjes in kunnen nestelen. De 120 gaten in de betonnen muur worden elk jaar gevuld met zand. Daar graven de oeverzwaluwen hun nestgangen in, als ze in het voorjaar terugkeren uit Afrika. Verder is er aandacht voor educatie van de jeugd. De Vogelwacht telt 176 leden en 46 nazorgers. Wel vergrijst het ledenbestand, stelt Hofstee. ‘De gemiddelde leeftijd is 70-plus; ik ben een van de jongsten, al hebben wij nog een redelijk jong bestuur.’

‘Yes, het is zover’

Bauke van der Valk (50) is al zestien jaar voorzitter van de Vogelwacht Wolvega e.o. Als jongen was hij veel in de weilanden rond zijn dorp Bitgum te vinden, op zoek naar kievitseieren. ‘Het mooiste is het geluid van deze vogel in het voorjaar. Als je dat hoort, denk je: Yes. Het is weer zover! Eerst komt de kievit, daarna de grutto, vervolgens de tureluur en tot slot de scholekster.’ Daarin vindt hij ook zijn motivatie voor het beschermen van de weidevogels.

Nieuwe leden

‘Ik doe er alles aan om die vogelgeluiden te behouden,’ zegt Van der Valk. Hij tuurt in de lucht en ziet een kievit zijn capriolen maken. ‘Een vrouwtje’, weet hij. Hoe hij dat ziet? ‘Die is kleiner dan het mannetje, heeft een minder grote kuif en mooiere kleuren.’ Net als Van der Valk zijn de meeste vrijwilligers al jaren lid van de Vogelwacht. Het vinden van nieuwe leden is daarentegen lastig, ervaren de bestuursleden. Hofstee: ‘Vroeger kregen zonen en soms ook dochters de liefde voor weidevogels van hun vader of opa mee. Tegenwoordig is dat een stuk minder.’

Een echte passie

‘Veel jongeren sporten liever, maar juist als nazorger krijg je heel veel beweging.’ In het voorjaar is hij twee dagen per week zoet met het zoeken en beschermen van nesten in tweehonderd hectare weiland. ‘In een weekend leg je met gemak een afstand van dertig kilometer af.’ Dat doet Hofstee vol overgave, vertelt hij. ‘Het is een echte passie. Onze lagere school grensde aan een weidevogelgebied en als kind ging ik na school al het veld in.’

Demonstratie

Het veld ingaan doet hij nog steeds, al kreeg de Wolvegaaster vogelwacht er dit voorjaar een belangrijk hulpmiddel bij. Om nesten beter en vooral sneller op te sporen werd een drone aangeschaft. ‘Een flinke investering van veertienduizend euro, waarvoor we gelukkig meerdere sponsoren konden vinden’, vertelt Hofstee. ‘Zo hebben we bijvoorbeeld de opbrengst van Rabo ClubSupport voor de aanschaf gebruikt.’ Hofstee en Klijnstra geven een demonstratie van het apparaat. Als een speer schiet de drone al zoemend 35 meter omhoog. Van der Valk kijkt hem na: ‘Daar gaat ie. Dit is echt super.’

Thermische camera

‘Er kunnen nu sneller grotere gebieden doorzocht worden’, noemt Joke Smink als voordeel. Dronepiloot Klijnstra: ‘De nesten van grutto’s en tureluurs zitten vaak verscholen in het gras. Het kost dan ook heel veel tijd om ze te vinden als je het veld ingaat’, legt hij uit. ‘Met een drone kun je binnen twee uur nesten en kuikens vinden. Dat kan door de thermische camera die warmteverschillen detecteert. Die zie je vervolgens op het beeldscherm.

Kievit en tureluur

Hofstee wijst op het display op de ontdekte nesten. ‘Dit is er een van een kievit. Die zit hier al twee weken te broeden. En hier zie je het nest van een tureluur.’ Hij zoomt in en een kuiltje met eieren is zichtbaar. Klijnstra: ‘De vindplaatsen zetten we op een speciale app. Daarop ziet de boer waar de door ons gemarkeerde nesten precies liggen en kan hij daar ruim omheen maaien.’ Dan steekt de wind op en begint het weer licht te regenen. Tijd dat de drone terugkeert naar zijn basis.

  • Auteur: Karin de Mik
  • Fotograaf: Anja Brouwer

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens