

‘Hier moet je een beetje gek voor zijn’
Oud & NieuwJarenlang was zuivelfabriek Eemlandia de inwoners van Bunschoten een doorn in het oog. Het rijksmonument uit 1918 verloederde, omdat niemand er een nieuwe bestemming voor wist. Dat veranderde toen bouwkundig ingenieur Jeroen Sloof en zijn vrouw Wendelijn samen met enkele dorpsgenoten besloten om de handschoen op te pakken. Met hulp van Bernard Brons van het Nationaal Restauratiefonds werd het gebouw in ere hersteld. En daar is Willem Ruizendaal van de Historische Vereniging Bunscote blij mee. ‘Iedereen in ons dorp heeft wel een link met de melkfabriek.’
Een rotte kies. Bunschotenaar Jeroen Sloof gebruikt stevige woorden om de staat van zuivelfabriek Eemlandia te omschrijven, op het moment dat hij samen met twee andere lokale ondernemers besloot om het rijksmonument nieuw leven in te blazen. ‘Als kind kwam ik hier elke dag langs. Dit gebouw móest gewoon behouden blijven’, verklaart hij.
Een begrip
Ook voor Willem Ruizendaal van de Historische Vereniging Bunscote is de melkfabriek uit 1918 een begrip – en voor velen met hem: ‘Boeren uit de hele omgeving brachten hier vroeger met paard en wagen hun melk naartoe. Elke familie uit Bunschoten heeft wel een link met de melkfabriek. Zelf herinner ik me nog goed hoe de oude schoorsteen in 1971 werd opgeblazen. Een spektakel.’
Van die levendige geschiedenis was de laatste jaren echter weinig meer te zien. ‘In 1963 ging de melkfabriek dicht. Daarna heeft er van alles in gezeten: een garage, een sportschool, een geluidsstudio, een scheepsbouwer’, vertelt Jeroen. ‘Maar in 1997 kwam het leeg te staan. Er waren wel plannen voor restauratie, maar die strandden steeds. En intussen ging het gebouw steeds verder achteruit. ‘Gooi het toch plat’, hoorde je steeds vaker in het dorp.’
Momentum pakken
Ook accountmanager Bernard Brons van het Nationaal Restauratiefonds kende het hoofdpijndossier van Bunschoten. ‘Monumenten vertellen verhalen over onze geschiedenis, ze maken ons land mooier en interessanter; daarom zetten wij ons in voor het behoud van deze bijzondere gebouwen’, verklaart hij.
‘Maar het komt helaas vaak voor dat een monument een tijdje leeg of te koop staat voordat iemand er zijn hart aan verliest, dat gaat dan ook ten koste van de bouwkundige staat. Dus toen ik hoorde dat hier een groepje inwoners met plannen rondliep, heb ik meteen contact gezocht. Als er momentum ontstaat, moet je doorpakken. Door eigenaren met kennis en financiering te ondersteunen, kan het Nationaal Restauratiefonds monumenten een nieuwe toekomst geven.’
Financiële plaatje
Dankzij de inspanningen van Brons, een subsidie uit het Parelfonds van de provincie Utrecht en de inzet van de gemeente werd de restauratie nu wel haalbaar. ‘In het lage gedeelte bouwden we studio’s, die we verkochten aan woningcorporatie G&O. Maar het hoge gedeelte was om allerlei redenen niet geschikt voor bewoning’, vertelt Jeroen.
‘Onze partners suggereerden dat het misschien een mooi pand voor ons architecten- en ingenieursbureau zou zijn, Bureau Bos. Het kwam voor ons eigenlijk wat vroeg, maar na een weekend praten en rekenen besloten we het toch te kopen. Toen het Nationaal Restauratiefonds ons later een financiering met een lagere rente en een langere aflossingsperiode aanbood, was het financiële plaatje helemaal rond.’
Stukje geschiedenis
Vanaf dat moment waren leden van de familie Sloof en collega’s van kantoor regelmatig op hun vrije zaterdag in de melkfabriek te vinden. Zo ontdekten ze zestien verborgen ramen achter het stucwerk. ‘Omdat wij zelf de eigenaars waren, konden we het ontwerp meteen aanpassen na zulke vondsten’, verklaart Jeroens vrouw Wendelijn.
‘Ook toen we op een oude blauwdruk ontdekten dat er vroeger een plek was waar de boeren met paard en wagen naar binnen reden, besloten we die te markeren met een groot raam. Zo houden we een stukje geschiedenis van Bunschoten levend. Daarnaast hebben we het gebouw volledig verduurzaamd.’

Compliment van het Restauratiefonds
Dat het dorp hun inspanningen waardeert, bleek toen Wendelijn op Facebook een oproep deed om foto’s en verhalen te delen. ‘We werden overladen met berichtjes’, lacht ze. ‘Het eerste jaar na de opening verzorgden we wel driehonderd rondleidingen. Van dorpsgenoten tot vastgoedkringen – ze kwamen allemaal een kijkje nemen.’
Ook geschiedenisliefhebber Willem Ruizendaal was erbij. ‘Ik vind het mooi dat de historie van het gebouw bepalend is geweest voor het uiteindelijke ontwerp. Het resultaat is goed in balans: het is geen fabriek meer, maar het voelt nog wel industrieel. Natuurlijk kun je zoiets moois niet zonder euro’s realiseren, maar je moet hier ook een beetje gek voor zijn. Jeroen heeft vanuit zijn passie net dat stapje extra gezet.’
Brons beaamt dat. ‘Niet voor niets bekroonden wij deze restauratie in 2022 met het Restauratiefonds Compliment. De rotte kies van vroeger is vervangen door een brug – een brug naar de toekomst.’
Monumentale kansen pakken
Overweeg jij ook een monument te kopen? Op herbestemming.nl en monumenten.nl vind je veel informatie over de regels en mogelijkheden. Uiteraard denkt Rabobank graag met je mee over de financiering!
- Auteur: Laura van der Burgt
- Fotograaf: Merlijn Doomernik















