7 min

Maanden werken aan wagens vol dahlia's

Reportage

Twintig buurtschappen en duizenden vrijwilligers werken in Zundert bijna een jaar lang aan de mooiste praalwagens, versierd met dahlia’s van eigen kweek. Op de eerste zondag van september presenteren zij hun ontwerp tijdens het bloemencorso van Zundert, het grootste van Nederland en volgens sommigen het grootste ter wereld. Het fenomeen is zo bijzonder dat het eind 2021 op de Unesco Werelderfgoedlijst werd gezet. Rabo&Co keek mee met buurtschap Wernhout, van het prille begin tot het bittere eind.

Om even na drieën op de eerste zondag van september rolt door het zonovergoten centrum van Zundert een praalwagen die de afgeladen tribunes aan weerszijden van de Molenstraat – de corsoboulevard – stil krijgt. Er dreunt geen zware muziek uit de speakers en er zijn geen schreeuwende figuranten die de aandacht van het pronkstuk afleiden. De wagen waar het buurtschap Wernhout de afgelopen maanden aan heeft gewerkt, is ingetogen gehouden, om zo op te vallen tussen het bombastische spektakel van de concurrentie.

Er klinkt getjilp van vogeltjes, terwijl een mistmachine twee metershoge boomstammen met de nodige mysterie omgeeft. De wortels staan in een laag heide, mos, varens en gras, met daarin twee tanks van duizend liter water verstopt. Een irrigatiesysteem in de takken zorgt ervoor dat er water naar beneden druppelt, langs zeshonderd trossen gemaakt van gele dahlia’s – alsof het zojuist geregend heeft.

Veertigduizend mensen

‘Gouden Regen’ van buurtschap Wernhout doet precies wat op de tekentafel beoogd werd, zeker in de nazomerse warmte op corsozondag: de wagen roept het sfeertje op van vlak na een zomerse regenbui, zo eentje die de hitte voor even verdrijft en lucht geeft aan mens en natuur. Er zijn allicht toeschouwers op de tribunes die zich kortstondig op een koelere plek wanen, vanonder de papieren zakken die ze ondersteboven op hun hoofd hebben gezet in de hoop geen zonnesteek op te lopen.

Met veertigduizend zijn ze deze zondag drie september naar de geboortegrond van Vincent van Gogh gekomen om met eigen ogen te zien wat het grootste bloemencorso van Nederland – en volgens sommigen van de hele wereld – behelst. Aan de corsoboulevard staat het rijen dik.

Wereldberoemd evenement

De traditie die in 1936 begon met het versieren van een paar fietsen ter ere van de verjaardag van de toenmalige koningin Wilhelmina, is ruim tachtig jaar later uitgegroeid tot een wereldberoemd evenement. Elk jaar komen er cameraploegen tot vanuit Japan naar Zundert. Geen wonder als je de praalwagens aan je voorbij ziet trekken en je bedenkt dat de bouwwerken met alleen dahlia’s zijn versierd. De deelnemende buurtschappen leven van de verkoop van die bloemsoort, die relatief makkelijk te kweken is en in allerlei kleuren en maten verkrijgbaar is. Er gaan jaarlijks vele kratten met dahlia’s vanuit Zundert naar andere bloemencorso’s in Nederland en daarbuiten. Van de opbrengst bouwen de buurtschappen een nieuwe praalwagen op.

Aan de 81ste editie van het bloemencorso doen twintig buurtschappen mee. Zij werken met honderden vrijwilligers elf maanden aan praalwagens van maximaal vijftig meter lang en negen meter hoog. Twintig wagens achter elkaar vormen op corsozondag, als ze na maanden in een tent te hebben gestaan voor het eerst aan een vakjury en het publiek worden getoond, in de Molenstraat een stoet van ruim vijf kilometer.

BuurtschapWernhoutwonin2015voorhetlaatst,toenmeteenontwerpvaneenstervendeVincentvanGoghineenbloemenveld

Unesco-erfgoed

Eind 2021 werd de corsocultuur van Zundert opgenomen op de Unesco-lijst voor Immaterieel erfgoed van de Mensheid. De manier waarop kinderen vanaf een jaar of acht tot en met ouderen van ver in de tachtig maandenlang samenwerken aan een praalwagen en daarmee bijdragen aan de cohesie van hun gemeenschap, de traditie bovendien blijven doorgeven van generatie op generatie, is uniek in de wereld.

‘Dat familiaire is zo belangrijk’, zegt Lennart Schrauwen van de Stichting Bloemencorso Zundert. ‘Het bloemencorso zit in ons DNA. Dit is geen fenomeen dat langzaam uitsterft. Pasgeboren baby’s krijgen hier een rompertje met het logo van een buurtschap erop, en als kraamcadeau een hamertje om bloemen mee in de wagens te tikken. Voor ons is dat vanzelfsprekend. Pas als we reacties van buiten Zundert horen, merken we dat het heel bijzonder is wat we hier doen.’

Fijne kneepjes

Op een dinsdagavond eind juni is een man of veertig in een tent aan de rand van het buurtschap Wernhout, ‘De Stek’ geheten, druk bezig met de basiselementen van de nieuwe praalwagen. Voorzitter Ronald Martens (37), in het dagelijks leven werkzaam in de wegenbouw, kijkt mee. Hij was als kind al betrokken bij Wernhout, leerde de fijne kneepjes van het lassen tijdens het bouwen aan een wagen, en geeft al vele jaren het overgrote deel van zijn vrije tijd, de zomervakantie incluis, op voor het corso.

Hij vertelt dat op het oude onderstel van een vrachtwagen een stalen constructie zal worden gelast die twee bomen moet voorstellen. De voorbije weken is hard gewerkt aan een maquette en daarna aan een proefwagen waarmee de constructie, doorgerekend door een team bouwkundigen, is getest.

Hechte verenigingen

Een kiescommissie koos al in december uit drie ontwerpen het idee van Frank van Baal (61). Hij is automonteur en kreeg de eer om ontwerper te zijn bij buurtschap Wernhout. Van Baal zag tijdens een koffiepauze ‘een buike’ overtrekken en werd getroffen door het moment waarop de natuur nog nazindert van een zomerse hoosbui, terwijl de zon door de wolken prikt. ‘Dat wilde ik vastleggen op een wagen’, vertelt hij trots.

Jong en oud is betrokken

Achter Van Baal vliegen de vonken in het rond. Hij heeft ook carnavalswagens ontworpen in Prinsenbeek, maar dat is volgens hem van een andere orde dan die van het bloemencorso. ‘In Zundert is veel meer mogelijk’, zegt hij. ‘De wagens zijn groter, de bouwruimte is professioneler, de buurtschappen zijn hechte verenigingen.

Bij carnaval draait het vaak om vriendengroepen, die uiteenvallen zodra er kinderen worden geboren. Dat gebeurt hier niet.’ Hij krijgt bijval van Lennart Schrauwen, bestuurslid publiciteit en sponsoring namens de stichting, een professionele vrijwilligersorganisatie van achtduizend mensen. ‘Bij onze buurtschappen is jong en oud betrokken’, vertelt hij. ‘Kinderen spelen in de loods of helpen bij het laatste tikweekend. Ouderen schillen appels voor de vrijwilligers, of werken in het bloemenveld.’ Verderop in de bouwtent zijn vrijwilligers bezig van papier boomblaadjes te snijden, tweeduizend in totaal.

Corsokoorts

Buurtschap Wernhout won het bloemencorso in het verleden regelmatig, vooral in de jaren tachtig. Van alle praalwagens hangt een foto aan de muren van de loods, met het jaartal eronder. Wernhout won in 2015 voor het laatst, toen met een ontwerp van een stervende Vincent van Gogh in een bloemenveld ‘Vijftig man stond toen te huilen aan die wagen’, zegt Schrauwen. ‘Al die maanden werk en vermoeidheid komt er dan uit.’

Anderhalve maand later begint Gouden Regen vorm te krijgen. De watertank en mistmachine staan op hun plek en de bomen zijn vastgezet. Het is veel drukker in de bouwtent. Zo’n tachtig mensen zijn er aan het werk. Op de tweede verdieping van de bouwsteiger is de veertienjarige Chris Schalk bezig om strookjes papier-maché aan te brengen, vijf lagen dik, zodat de dahlia’s blijven zitten. ‘Ik vind het heel leuk om mee te helpen. Mijn vader heeft dit ook gedaan’, zegt hij.

Een verdieping lager smeert Aloys Brosens (67) stukken telefoonboek en stroken van de Zundertse Bode vol met lijm. Voor Brosens is dit al zijn 43ste wagen. ‘Ik kan het gevoel dat ik hiervan krijg bijna niet uitleggen', zegt hij. ‘Het gaat om het samenwerken, samen creëren. Na maanden zie je dan iets uit die tent rijden waaraan jij hebt bijgedragen. Noem het corsokoorts.’

Bombastische wagens

Op de vroege ochtend van drie september leggen honderden vrijwilligers de laatste hand aan Gouden Regen. Het zonlicht spat van de trossen goudgele dahlia’s af. De wagen van Wernhout valt inderdaad op door de eenvoud en ingetogenheid. En toch neigt de jury opnieuw naar bombastischer wagens. De ijsbeer van buurtschap Poteind wordt de grote winnaar, voor het al even indrukwekkende La Révolution van buurtschap Achtmaal.

Gouden Regen van Wernhout eindigt als dertiende, maar pakt de tweede publieksprijs. ‘Een tegenvaller’, zegt Martens daags na het corso. ‘Aan de tweede publieksprijs zie je dat veel mensen de wagen mooi vonden, maar de jury was niet overtuigd. We zijn benieuwd naar hun rapport, dat we in oktober krijgen. Misschien moeten wij ook bombastischer bouwen. Maar dan krijg je eenheidsworst. We bouwen voor het publiek. Zij zorgen voor de inkomsten. En zonder inkomsten geen corso.’ <

  • Auteur: Dennis Boxhoorn
  • Fotograaf: Christian Keijsers, Eefje Damen

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens