

‘Kinderen voor wie weinig ruimte is, geef ik graag een zetje’
InterviewSinds investeerder Haye Jaarsma voorzitter is van de Coöperatiekring Midden-Nederland, dwalen zijn gedachten weer regelmatig af naar zijn jeugd. Met de Coöperatiekring zet hij zich in voor gelijke kansen voor alle kinderen in onze regio. Jaarsma weet uit ervaring hoe fijn het is om een zetje van een ander te krijgen, als er thuis weinig ruimte voor je is. ‘Als de dingen voor jou niet vanzelf gaan, stel je je verwachtingen naar beneden bij. Dat patroon wil ik doorbreken.’
Zijn aarzeling is zichtbaar als Jaarsma wordt gevraagd wat hij bedoelt met ‘roerige tienerjaren’ die hem leerden dat ‘niet alles vanzelfsprekend is’. Het zijn zijn eigen woorden; hij gebruikt ze op de website van de Coöperatiekring Midden-Nederland om uit te leggen wat hem motiveert om zich in te zetten voor kansarme kinderen. Maar zijn hele doopceel lichten, moet hij dat wel doen? Aan de andere kant: Jaarsma merkt dat het mensen raakt als hij vertelt wat hij zelf als kind zo miste en hoe lang de effecten van die lastige jeugd doorwerkten. En als zijn openheid ervoor zorgt dat de Coöperatiekring meer kinderen kan helpen, waarom dan niet? Misschien is de tijd rijp.
Andere kant
Wie Jaarsma kent uit het Hilversumse ondernemersleven, kent waarschijnlijk een vrij zakelijke man – een investeerder die kosten en baten afweegt en daar zonder aarzelen naar handelt. Uitgerekend die man bekent nu vrolijk dat zijn vrijwilligerswerk voor de Coöperatiekring hem veel meer tijd kost dan hij eigenlijk van plan was. ‘Maar het geeft me zoveel energie’, zegt hij. ‘Het is fijn om een andere kant van mezelf aan te spreken en mensen te inspireren en te verbinden. Als je dat goed wilt doen, moet je ook iets van jezelf laten zien.’
Antenne voor spanning
Jaarsma komt uit een ondernemersgezin, hij is de middelste van drie zoons. ‘Mijn ouders hadden een onrustig huwelijk, ze trouwden twee keer met elkaar en verhuisden vaak. Soms verkasten we na een jaar alweer’, vertelt hij. Het roerige gezinsleven kwam extra onder druk te staan toen vader failliet ging. ‘Dat we onze villa in Laren verlieten voor een huurwoning in Bussum vond ik niet eens zo erg: nu had ik buurkinderen met wie ik buiten kon spelen. Maar de geldstress en de ruzies tussen mijn ouders drukten zwaar op mij. Het gaf me een constant onveilig gevoel – ik was altijd alert, peilde voortdurend de sfeer. Het is een eigenschap die ik nooit ben kwijtgeraakt, mijn antenne voor slechte energie staat altijd aan.’
Het huwelijk overleefde de spanningen niet, Jaarsma’s ouders gingen voor de tweede keer uit elkaar. De scheiding verliep dramatisch: de kinderen werden inzet van de strijd en zagen hun vader of moeder soms jaren niet. Door het getouwtrek versleet Jaarsma vijf basisscholen en twee middelbare scholen. ‘Mijn leven kon elk moment weer veranderen, ik durfde nergens meer op te rekenen. Elke nieuwe start op school werd moeilijker: de groepjes waren al gevormd, wie zat er nog op mij te wachten? Als kind begin je dan aan jezelf te twijfelen: wat stel ik eigenlijk voor? Het was een sombere, eenzame tijd.’
Door zijn eigen ervaring begrijpt Jaarsma als geen ander hoe moeilijk het is voor een kind om zichzelf in zulke onzekere omstandigheden te ontplooien. ‘Ik wist wel dat ik slim genoeg was om iets te bereiken, maar wie ging mij helpen?’, zegt hij. ‘Als een kind het zelf moet uitzoeken, wordt het heel moeilijk om vooruit te komen. Juist dan kan een zetje van een ander ontzettend veel betekenen. Het gevoel dat je wordt gezien, dat iemand in je gelooft, dat is goud waard.’

Bewijsdrang
Jaarsma begon die zetjes te krijgen toen hij op zijn achttiende een kantoorbaan nam om zijn studie te bekostigen. Op kamers gaan en het studentenleven ontdekken zat er niet in, want ook daarover werden zijn ouders het niet eens. ‘De bevestiging die ik kreeg van mijn collega’s deed me goed. Een collega werd mijn beste vriend, hij nam me op in zijn vriendengroep. Echte vrienden, daar verlangde ik al jaren naar.’
Toch gunde Jaarsma zichzelf weinig tijd voor ontspanning. ‘Ik was vastbesloten om nooit meer van iemand afhankelijk te zijn. Ik was ongelofelijk gemotiveerd om een succes van mijn leven te maken, mijn bewijsdrang was gigantisch. Het vertaalde zich in een behoorlijk Spartaanse levensstijl: ik was altijd aan het werk of aan het studeren en leefde heel sober om zoveel mogelijk te sparen. Eigenlijk ging het te ver’, vindt hij achteraf. Maar het resultaat was ernaar: na acht jaar was hij klaar met de universiteit en had hij zijn postdoctoraal op zak.
Erfenis uit zijn jeugd
Zijn verbetenheid betaalde zich ook in de jaren daarna uit: Jaarsma werd succesvol vastgoedinvesteerder. Ook privé braken er goede tijden aan, hij trouwde (twee keer) en kreeg vier dochters. Voor hen is hij vele malen milder dan hij vroeger voor zichzelf was, maar de erfenis van zijn jeugd laat zich niet helemaal uitwissen. Een deel ervan draagt hij onmiskenbaar aan hen over – op een goede manier, gelukkig: ‘Ik sprak er laatst over met mijn jongste dochters, zij zijn 17 en 15. Wat zij ervan meenemen, is dat je altijd in jezelf moet blijven geloven. Je kunt meer dan je denkt. En als je het even niet meer ziet zitten, helpt het om te focussen op wat er wél is. Dat vond ik prachtig om te horen.’
Als voorzitter van de Coöperatiekring hoopt Jaarsma ook andere kinderen meer vertrouwen in de toekomst te geven. ‘Juist het feit dat wij ons inzetten voor kinderen uit onze eigen omgeving maakt dit initiatief bijzonder. We willen verbindingen tot stand brengen tussen onze donateurs en lokale initiatieven, bijvoorbeeld door rechtstreeks schoolspullen of sportkleding te schenken, of huiswerkbegeleiding aan te bieden. Elk zetje dat we een kind kunnen geven, telt. Neem dat maar van mij aan.’
- Auteur: Laura van der Burgt
- Fotograaf: Frank Ruiter















