

‘Het geeft rust dat er een vangnet voor hen is als wij wegvallen’
Oud & NieuwEen noodkreet van een moeder in de krant bracht het balletje aan het rollen. Nu, zeven jaar later, hebben elf jonge mensen met autisme eindelijk een plek gevonden om te wonen. Over een jaar kunnen ze hun eigen appartement in Alphen aan den Rijn betrekken. Met dank aan hun ouders. Hun zorg, frustratie en vasthoudendheid zorgden ervoor dat dit bijzondere woonproject, Gewoon Wonen, tot stand kwam.
Trots wijzen Erik Bijlsma en Tamara Spaargaren op een groot, roodstenen gebouw in het centrum van Alphen aan den Rijn. Dit wordt ‘hun’ wooncomplex voor jonge mensen met autisme. Bijlsma is een van de ouders die zich hier de afgelopen zeven jaar met hart en ziel voor heeft ingezet. Spaargaren (29) is een van de elf jongvolwassenen die hier gaan huren.
Het gebouw, ooit een telefooncentrale, wordt getransformeerd tot appartementencomplex. In de langste vleugel komen zestien koopappartementen. Uit de opbrengst hiervan wordt de verbouwing van de korte vleugel bekostigd: hier komen elf sociale huur-appartementen plus een gezamenlijke ruimte voor mensen met autisme en een normaal tot hoog IQ.
Individueel begeleidingsplan
Tamara Spaargaren kan niet wachten tot ze kan verhuizen. De geboren en getogen Alphense woont nu in een begeleidwonen-project in een andere stad. Maar ze mist haar ouders en vrienden in Alphen. Ze zal blij zijn als ze daar gewoon weer even langs kan fietsen en niet meer afhankelijk is van bus en trein.
Straks in Alphen krijgt ze minder begeleiding dan in het woonproject waar ze nu woont. Maar dat is geen probleem. Koken, schoonmaken, boodschappen doen en al het regelwerk gaan haar prima af. Het is het sociale deel van haar leven waar ze hulp bij nodig heeft. Daar krijgt ze net als de andere huurders een individueel begeleidingsplan voor.
‘Ik heb een gesprekspartner nodig, ook als het goed met mij gaat. Ik moet met iemand kunnen praten over mijn werk en mijn privéleven. Als ik dat niet doe, word ik depri.’

‘Mensen met autisme kunnen gemakkelijk vereenzamen’, vult Erik Bijlsma aan. ‘Sommigen gaan helemaal op in hun eigen wereld en vergeten alles om zich heen. Daar zullen ze de rest van hun leven hulp bij nodig hebben. Bijvoorbeeld met duwtjes richting de schoonmaak van hun appartement of richting hobby’s of verenigingen. Die hulp gaat de stichting Woondroomzorg voor ons leveren. Zij doen dit inmiddels voor zesendertig soortgelijke woningen in Nederland.’
Het stoort Bijlsma dat veel gemeenten geen woonbeleid hebben voor mensen met autisme. ‘Er wordt net gedaan alsof mensen over autisme heen groeien. Dat is klinkklare onzin. Mensen kunnen leren om beter met autisme om te gaan, maar ze blijven tegen bepaalde problemen aanlopen. En daar is niets voor geregeld.’
Een baan erbij
Die frustratie werd zeven jaar geleden opgetekend door het Algemeen Dagblad. Het interview leverde honderden reacties op van ouders met soortgelijke zorgen. ‘Dat er zoveel ouders waren met dezelfde problemen gaf wel aan dat we niet op de overheid hoefden te wachten voor oplossingen. We besloten samen met briefschrijvers uit de regio zelf aan de slag te gaan.’
Heel veel obstakels, teleurstellingen en problemen verder heeft de groep ouders nu een pand in eigendom, dat is ondergebracht in een BV. Die verbouwt het pand en verhuurt het deel met de elf appartementen en de gezamenlijke ruimte aan de stichting Gewoon Wonen. Die stichting, bestuurd door ouders, koopt voor haar huurders zorg op maat in bij Woondroomzorg.
‘Het is een hele constructie’, beaamt Bijlsma. ‘En het is voor veel ouders een baan erbij. Wij hebben het geluk dat we onder de ouders veel expertise in huis hebben. We hebben een jurist, een bouwer, iemand die veel weet van de zorg… Zonder dat én goede hulp en advies van onder andere Rabobank hadden we dit nooit van de grond gekregen.’
Vangnet
Bijlsma: ‘Het geeft ons rust dat er een vangnet is voor de jongeren als wij wegvallen. Mijn zoon heeft nog een broer en zus. Die mogen later in het stichtingsbestuur plaatsnemen. Maar je kunt niet van hen verlangen dat ze dagelijks voor hun broer gaan zorgen. En voor ouders houdt het op een gegeven moment ook op. Mijn zoon heeft gewoon vwo gedaan. Hij studeert filosofie in Amsterdam. Daar kun je als ouder niet bovenop blijven zitten. Je gunt hem een zelfstandig leven.’
Bijlsma wijst op de gerooide groenstrook naast het appartementencomplex. Hebben de toekomstige bewoners het weekeinde ervoor met zijn allen gedaan. ‘Zo leert iedereen elkaar een beetje kennen en werken ze toe naar het moment dat ze er gaan wonen.’
Geen toeters en bellen
Dat, zo is de planning, zal zijn in de zomer van 2025. Aanvankelijk, vertelt Bijlsma, wilden de ouders meer vaste sociale activiteiten organiseren. ‘Maar daar zitten ze simpelweg niet op te wachten. Ze willen geen toeters en bellen, maar gewoon rustig en veilig wonen.’
‘Zo is het’, reageert Tamara Spaargaren beslist. ‘Als iedereen elkaar vriendelijk gedag zegt, vind ik het goed. Veel van ons zijn best overprikkeld als we thuiskomen van werk. Het is fijn dat daar dan niets moet. Als we na verloop van tijd vrienden worden, is dat leuk natuurlijk. Maar we willen vooral gewoon wonen, zoals iedereen.’
- Auteur: Marijn Kramp
- Fotograaf: Merlijn Doomernik















