

Naar hartelust selfies maken tussen de tulpen
Oud & NieuwElk jaar komen er miljoenen bezoekers naar de Bollenstreek. En het liefst fotograferen zij zichzelf te midden van deze kleurrijke bloemen. Tulpenkweker Simon Pennings maakte van de nood een deugd. Hij zette samen met zijn dochter Sylvia de Tulip Experience Amsterdam op. Daar vinden toeristen een mooie achtergrond voor hun foto’s én worden ze meegenomen in het fascinerende verhaal van de tulp. Want dat, vinden de Pennings, is en blijft het allermooiste bolgewas.
Telkens als Simon Pennings (63) weer eens toeristen uit zijn tulpenvelden moest halen, viel het hem op dat ze zo weinig benul hadden van waar ze stonden. ‘Ze denken dat de hele streek een nationaal park is of bij de Keukenhof hoort, en dat ze overal mogen lopen. Dat ze daarbij jouw bloembollen vertrappen en ziektes je veld inlopen, komt niet bij ze op. Ze schrikken als je dat uitlegt.’
Onweerstaanbaar
Het was Pennings en veel andere kwekers een doorn in het oog. Hoe gek ze in de Bollenstreek ook zijn op toeristen, ze moeten wél uit de velden blijven. Maar zo’n selfie maken te midden van die kleurenpracht is en blijft voor veel toeristen onweerstaanbaar. ‘En aangezien er in twee maanden tijd een paar miljoen bezoekers naar de Bollenstreek komen, is dat best een probleem voor de kwekers’, vult Sylvia (34) haar vader aan.
Een Tulpen Experience, bedacht Simon, waar toeristen naar hartelust foto’s kunnen maken en waar ze uitleg krijgen over de tulp en de Bollenstreek, zou uitkomst bieden. Hij betrok zijn oudste dochter Sylvia erbij, die als eventmanager voor grote bedrijven werkte.
In 2019 openden ze een bezoekerscentrum in een immense schuur bij hun kwekerij in Noordwijkerhout, vlak bij de Keukenhof. Er was meteen aanloop en inmiddels loopt het storm. In de twee maanden dat de Experience open is, bezochten tienduizenden mensen het museum, de showtuin en de indoor pluktuin.
Honderdtwintig nationaliteiten
In deze showtuin mogen de bezoekers rondlopen tussen de vier miljoen tulpen, verdeeld over zevenhonderd soorten. Ze kunnen er foto’s maken in grote boerenklompen, bij een Hollands molentje of een oude trekker. ‘Toeristen vinden dat fantastisch’, merkt Sylvia. ‘We krijgen hier meer dan honderdtwintig nationaliteiten en allemaal maken ze foto’s voor Insta, TikTok en Facebook.’ Simon kan zich nog altijd verbazen over hoe dat werkt. ‘Vroeger moest je adverteren in de krant en hopen dat je daarmee de aandacht trok. Nu posten onze bezoekers foto’s en weet de hele wereld je te vinden.’
Opa Wim (90) luistert vol trots. Dat het bedrijf zo zou groeien, had hij niet durven dromen. Het was, vertelt hij, niet eens de bedoeling dat hij tulpenkweker werd. Zijn vader had melkkoeien en hij hielp op dat bedrijf. ‘Zo hoorde dat. Maar ik kon niet goed melken. Mijn polsen waren er niet sterk genoeg voor. Dus na vijven, als ik klaar was bij mijn vader, ging ik aan de slag op een eigen stukkie grond. Daar ging ik tulpen kweken.’
Wim begon met vijftig roede bollen. ‘Dat is nog geen honderd vierkante meter’, rekent Simon voor. ‘Elk jaar kocht ik er een stukkie grond bij’, vervolgt Wim. ‘Ik verhandelde de bollen zelf. Dat was nieuw en slim in die tijd. Zo kon ik groeien.’ Simon, zijn oudste zoon, groeide op in het bedrijf. ‘Ik ben er altijd gek van geweest. Ik had maar één doel en dat was hard werken en een goede kweker worden.’
Veel feedback
En dat is meer dan gelukt. Het bedrijf is met tweehonderd hectare grond een van de grotere in de streek. Het succes van opa Wim is nog steeds de grondslag van het bedrijf, vertelt Simon, die het bedrijf rond zijn dertigste overnam. ‘We doen nog steeds alles zelf. Van telen tot de export. Dat maakt ons heel competitief. Die directe handel geeft ons heel veel feedback. Als er iets niet goed is, of als wensen veranderen, dan blijft dat niet bij de tussenhandel hangen, maar dat horen wij direct van onze klanten. Daar kunnen we dan gelijk naar handelen. Dat is heel waardevol.’

‘Geen dag is hetzelfde’, vervolgt neef Allan (28), de jongste generatie Pennings. Allan werkt al zeventien jaar in het bedrijf en is een paar jaar geleden officieel ingestapt. ‘Mijn vrienden vragen weleens of ik het niet eng vind, de verantwoordelijkheid over zo’n groot bedrijf. Maar zo voel ik dat niet. Doordat ik hier al vanaf mijn elfde jaar vakantiewerk doe, voelt die verantwoordelijkheid als normaal.’
Opa Wim vindt het onvoorstelbaar hoeveel er in het bedrijf en de sector is veranderd, sinds hij in de jaren vijftig zijn eerste tulpenbollen kweekte. ‘Toen ging alles nog met de hand. Nu gaat zo’n beetje alles machinaal.’ ‘We rooien tegenwoordig op één dag met drie man wat opa met tien man in een week deed’, rekent Allan uit. ‘We planten drie miljoen tulpenbollen per dag. In opa’s tijd waren dat er tienduizenden per dag.’
De bezoekers van de Tulip Experience vinden dit fantastische verhalen, vertelt Simon. ‘Ze willen alles weten. Tot aan gewasbescherming aan toe. We merken dat ze daar vaak verouderde informatie over hebben. Niet gek, want de ontwikkelingen gaan razendsnel.’
Robots en AI
AI gaat de kwekers enorm helpen, voorspelt Allan. ‘Wij gebruiken nu al robots om zieke tulpen eruit te pikken.’ ‘En zo staan er nog meer innovaties op stapel die de gewasbescherming en de sector gaan veranderen’, besluit Simon. ‘We hebben de tijd wat dat betreft echt mee.’
- Auteur: Marijn Kramp
- Fotograaf: Merlijn Doomernik















