

NOWOS geeft afgedankte accu’s een tweede leven
AchtergrondverhaalDe accu van je e-bike is stuk. Wat nu? ‘Niet afdanken, maar repareren’, vindt Prins Doornekamp. Zijn bedrijf NOWOS redt accu’s van de afvalberg. Zo besparen ze grondstoffen én CO2. De Amersfoortse start-up is nu al de grootste van Europa. En ze groeien door.
Het is 2018 als Prins Doornekamp met zijn boot langs de Noordzeekust vaart. Hij heeft zijn bedrijf in de ontwikkeling en productie van batterijen verkocht, en zoekt een nieuwe uitdaging. De wens: iets op het gebied van batterijen, maar dan duurzamer.
Ombuigen
Tussen IJmuiden en Amsterdam vallen hem de vele recyclingbedrijven op. ‘Toen wist ik: dat is het. Ik wil de heersende lineaire gedachte van maken, gebruiken en afdanken, ombuigen naar een circulaire gedachte van hergebruik.’
Weer aan vaste wal zoekt Doornekamp contact met Jan Bartels, toenmalig directeur van Stibat. Deze organisatie – die inmiddels Stichting OPEN heet – zamelt lege batterijen en e-waste in en recyclet het. ‘Met mijn achtergrond als ondernemer en ingenieur heb ik een heleboel kennis over batterijen en accu’s. Jan weet juist weer veel over regelgeving en de hele recyclingketen. Samen vormden we het ideale team voor deze uitdaging.’
Aan de slag
In januari 2020 gaat NOWOS van start. De missie: de levensduur van afgedankte lithium-ionbatterijen verlengen door ze te repareren. ‘We hebben veel klanten in de mobiliteitssector. Denk aan deelfiets- en scootermerken als Swapfiets en Dott.
Ook werken we voor e-bikefabrikanten. Dus als je e-bike een kapotte accu heeft, gaat die via de fietsenmaker terug naar de fabrikant. Die vraagt ons dan om reparatie. We doen trouwens ook steeds meer voor andere sectoren, zoals logistiek en energieopslag.’
Vliegende start dankzij corona
Die focus op mobiliteit ontstaat spontaan, in de coronaperiode. ‘De lockdown pakte voor ons gunstig uit. Want de import van nieuwe fietsaccu’s uit China lag stil, terwijl mensen wel massaal e-bikes kochten en er ook veel elektrische bezorgfietsen bij kwamen. Daardoor steeg de vraag naar reparatie enorm. In no time waren we de grootste in Europa.’
Inmiddels heeft het bedrijf naast de hoofdvestiging in Nederland ook reparatiehubs in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Nieuwe hubs in Polen en Duitsland liggen in het verschiet. ‘We willen de komende vijf jaar nog dertien vestigingen openen in Europa, en op langere termijn ook daarbuiten. Reparatie moet lokaal gebeuren. Zo scheppen we daar werkgelegenheid én maken we minder transportkilometers. Dat is praktisch en duurzaam.’
Bijna alles hergebruiken
In 2024 verwerkte NOWOS ruim 90.000 accu’s. ‘Daarvan kunnen we 97 procent een tweede leven geven’, zegt Doornekamp trots. ‘Het grootste deel – 89 procent – repareren we. Hierbij zorgen we altijd dat het CE-keurmerk behouden blijft, bijvoorbeeld door originele componenten te gebruiken. Als reparatie niet kan, halen we zoveel mogelijk onderdelen uit de accu voor hergebruik. De laatste 3 procent is afval.’
Deze circulaire cyclus levert een flinke besparing op in grondstoffen, CO2 en geld. ‘Een accu repareren is meer dan de helft goedkoper dan een accu vervangen. Dat is voor onze klanten natuurlijk interessant. Toch was reparatie lang geen optie, omdat het werd gezien als een zwakte. Men dacht dat je mínder zou verdienen als je reparatie toestond. Het tegengestelde blijkt waar. Zo verkocht een fabrikant zelfs méér accu’s nadat die een reparatieservice aanbood. Het idee verandert dus gelukkig. En dat moet ook, want er komt nieuwe regelgeving aan in 2027.’
Recht op reparatie
Die nieuwe regelgeving kwam in een stroomversnelling dankzij NOWOS. ‘De Europese Unie wilde al langer een wet die fabrikanten verplicht om mee te werken aan reparatie van hun apparaten. Lang was er een felle tegenlobby. Tot wij lieten zien dat reparatie wél kan. Zo kon deze Right to Repair-wet toch eerder worden ingevoerd. Er gaat dus echt iets veranderen, en ik ben trots dat NOWOS daar een bijdrage aan heeft geleverd.’
Als je bedrijf invloed heeft op de Europese regels, dan weet je dat je serieus goed bezig bent. Maar makkelijk is het niet, geeft Doornekamp toe. ‘We lopen ver vooruit op de markt. Dat vraagt om veel doorzettingsvermogen, en misschien een vleugje koppigheid’, lacht hij.
‘Neem het binnenhalen van financiering. We hoorden vaak nee van potentiële investeerders. Ze vonden het te risicovol. Terwijl wij weten: wij hebben een innovatie die de wereld beter maakt.’
Steun van Rabobank
Zo was NOWOS in 2023 bezig met een eerste investeringsronde om de reparatiecapaciteit in Nederland te kunnen verdubbelen. Doornekamp kreeg de ene nee na de andere. Tot Rabobank instapte en samen met het Nationaal Groenfonds de lening verstrekte. ‘Die steun van Rabobank was doorslaggevend. Ook omdat het vertrouwen uitstraalde. Daardoor haakte het Groenfonds ook aan. De bank heeft op een cruciaal moment risico durven nemen, daar zijn we nog steeds dankbaar voor. Anders hadden we hier nu niet gestaan.'
Toch liep Doornekamp bij een tweede investeringsronde begin dit jaar weer tegen een boel muren op. Frustrerend, maar uiteindelijk lukte het hem om via ondernemende investeerders 6 miljoen euro binnen te halen, zodat NOWOS internationaal kan doorgroeien. Ook zit er nog 3 miljoen euro in de pijplijn.
‘Als je buiten de gebaande paden werkt, heb je een lange adem nodig. Gelukkig weet ik waar ik het voor doe. Ik wil duurzame, positieve impact maken – iets nalaten wat blijft, als ik er ooit niet meer ben.’
- Auteur: Liesbeth Meenink
- Fotograaf: Nander de Wijk















