

‘Het helpt om met een dier te knuffelen’
ReportageOp zorg- en kinderboerderij In de Krom in Moordrecht werken begeleiders en vrijwilligers samen met mensen met een beperking. Ze verzorgen dieren, bewerken hout en houden het terrein schoon. Tien van de cliënten wonen in de oude boerderij. Daarnaast is In de Krom ook een aantrekkelijke kinderboerderij die met name wordt bezocht door grootouders met hun kleinkinderen. Op een zonnige dag nam Rabo &Co er een kijkje. We zagen hoe iedereen hier ontspant, soms hard werkt en bovenal plezier beleeft.
Gekakel, gemekker, de geur van mest en vers stro; al voordat we het terrein van zorg- en kinderboerderij In de Krom aan de rand van Moordrecht op lopen, weten we dat we goed zitten. Voor onze voeten schieten een paar eenden weg. Door een openstaande staldeur kijken geitjes nieuwsgierig naar buiten. Naast de stal staat een grote boerderij. ‘Hoi’, roept een man in werkkleding die net naar buiten komt, een gieter in zijn hand. ‘Echt lang geleden dat je hier was!’ Verbaasd kijken we hem na. We zijn hier toch echt voor het eerst.
Vanachter de stal komt een vrouw aanlopen met een bijzonder schaap aan de lijn, met zwarte neus en oren, en een lange staart. ‘Dit is Ice, onze nieuwste aanwinst’, zegt Cindy van Vliet-Liefhebber (49). ‘Het is een Walliser Schwarznase, een andere soort dan we al hadden. Leuk voor de diversiteit.’
Wereldbaan
Cindy is persoonlijk begeleider van In de Krom, onderdeel van Gemiva, een grote zorgorganisatie in Zuid-Holland die ondersteuning biedt aan mensen met een beperking. Ze werkt al 27 jaar bij Gemiva en sinds vier jaar op deze boerderij. ‘Een wereldbaan’, zegt ze. ‘Ik werk graag met deze mensen, en dieren zijn mijn passie. Dieren geven veel terug. Als cliënten onrustig zijn, helpt het om even met een dier te knuffelen.’
Cindy zal ons deze ochtend rondleiden. ‘Per zestien cliënten zijn er altijd twee begeleiders aanwezig’, vertelt ze, terwijl we richting de boerderij lopen. In totaal zijn er 25 cliënten, vier begeleiders en acht vrijwilligers. De deel van de boerderij vormt het hart van In de Krom. Hier staan een grote tafel, een comfortabele zithoek, stellingkasten vol knutselmaterialen, spelletjes en puzzels, en een bar met een luik naar buiten, waar drankjes en snacks worden verkocht aan bezoekers van de kinderboerderij.
Kauwgomballenautomaat
Aan de buitenmuur van de stal hangt een groot rek met kleurige houten klompen in verschillende maten. Daarnaast een oude kauwgomballenautomaat gevuld met maïs. Voor vijftig cent kunnen bezoekers een emmertje tappen en de kippen voeren. ‘We verzinnen allerlei manieren om wat inkomsten te genereren’, legt Cindy uit. ‘We zoeken steeds weer sponsors – ook Rabobank financiert speciale projecten – en we organiseren activiteiten waarvoor bezoekers iets betalen.’
In de stal zijn meerdere cliënten aan het werk, allemaal in dezelfde werkkleding: een stevige zwarte broek en een warme jas. Jaap (51), met een witte pet op, voert schapen en geiten. Hij grijnst naar ons. ‘Mag ik zo op de foto?’ vraagt hij enthousiast, terwijl hij alvast even poseert. Dat mag zeker.
Infraroodlamp
Naast de schapen staan twee ezels en in het tegenoverliggende compartiment liggen twee paplammetjes onder een infraroodlamp. ‘Ze zijn door hun moeder verstoten’, legt Cindy uit. ‘Kinderen mogen ze tegen een kleine vergoeding de fles geven.’ Maar nu nemen Winfred (43) – de man met de gieter – en Jeroen (56) die taak op zich. Zodra de flesjes in zicht komen, beginnen de lammetjes luid te mekkeren. ‘Ik vind dit heel leuk om te doen’, zegt Winfred. ‘Maar mijn favoriete dieren zijn de alpaca’s.’ Toegewijd geven hij en Jeroen de lammetjes de fles. Jaap assisteert: ‘Je moet de fles hoger houden!’ roept hij aanmoedigend. In de stal staan ook mini-tractortjes. ‘Gekregen van gezinnen waarvan de kinderen er te groot voor zijn geworden’, vertelt Cindy. ‘Ze worden gretig gebruikt door de jongste bezoekers.’ In een aangrenzend compartiment zitten cavia’s en konijnen.
Koekdozen vouwen
Achter in de stal is een was- en kleedruimte. Aan de muur hangt een groot werkschema, met per dier foto’s van cliënten en voersoorten en -maten. ‘Zo kunnen we zien wie wanneer welke beurt heeft en hoeveel voer elk dier moet krijgen’, legt Jaap uit. ‘Ook als je niet zo goed kunt lezen, weet je zo wat je moet doen.’ Niet iedereen doet alles. ‘Sommige cliënten zijn bang voor bepaalde dieren’, zegt Cindy. ‘Daar houden we rekening mee.’ De meeste cliënten werken hier vijf dagen per week. ‘Sommigen werken op donderdag en vrijdag ergens anders, bijvoorbeeld bij Biscuit International, een koekjesgroothandel in de buurt. Daar vouwen ze onder meer dozen voor de stroopwafels. Als beloning krijgen ze een pak mee.’
Dan klinkt er een bel. Tijd voor pauze. Op de deel geurt het naar verse koffie. Achter de bar staat Sanna (27). Ze schenkt koffie in voor cliënten en begeleiders. ‘Ik doe vandaag het corvee en ook de wc’s’, vertelt ze. ‘Dat is minder leuk, maar het moet gebeuren.’ Op de bar staat een fruitschaal. Er ligt nog één mandarijn in. ‘Die is voor muskuseend Fred’, zegt ze. ‘Hij is een keer komen aanvliegen en nooit meer weggegaan’, vult Cindy aan.

Alpaca’s voeren
Na de pauze verspreiden de cliënten zich weer over het erf. Sommigen vegen het terrein, anderen mesten de stal uit. Jaap mag de alpaca’s voeren. Eerst geeft hij de mandarijn aan eend Fred, die bevallig op een smal hek ligt. Jaap moet er hard om lachen. De alpaca’s staan in een wei tegenover de boerderij te grazen. ‘Ze zijn niet bij iedereen populair, omdat ze kunnen spugen’, vertelt Cindy. ‘Maar sommige cliënten zijn dol op ze en vinden niets leuker dan met ze te wandelen. Soms nemen we ze mee het dorp in.’ ‘De schapen en geitjes mogen ook naar buiten!’ roept Marja Mugge-Bak (57), ook een van de begeleiders. Winfred komt meteen in actie en gaat ze halen. ‘De dieren betekenen heel veel voor de cliënten’, zegt Marja. ‘Ze hebben echt een sterke band met ze en voelen zich verantwoordelijk. Als dieren overlijden, heeft dat veel impact. En als de lammetjes straks weggaan, is dat ook moeilijk.’
Dartelende geitjes
De zon breekt door en er komen steeds meer bezoekers het terrein op. Grootouders met kleinkinderen laten peuters rijden op de kleine tractortjes of spelen op de speeltoestellen. Sommigen bestellen iets bij het luik en nemen plaats op het overdekte terras met gekleurde lampionnen. Vanaf daar kijken ze uit over het erf, waar de spelende kinderen, werkende cliënten en dieren vrolijk door elkaar heen bewegen. Merel (29) komt tevoorschijn uit het kippenhok. ‘Ik houd erg van de kippen’, lacht ze verlegen. ‘Maar nu ga ik Winfred helpen met de geitjes en schapen.’ Even later loopt ze met een paar schapen aan de lijn richting een weiland, in haar kielzog Winfred. Hij wordt gevolgd door een sliert dartelende geitjes. In de wei nemen ze de halsters af en stuiven de dieren vrolijk weg.
Insectenhotels
We kijken ook nog even binnen bij houtwerkplaats De Kromme Spijker. Hier zijn cliënten aan het zagen en schuren. Ze werken onder begeleiding van Dick (70), een vrijwilliger en oud-vrachtwagenchauffeur. ‘De mannen kunnen goed werken’, zegt hij. ‘We maken insectenhotels, vogelhuisjes, egelhuisjes en andere dingen voor de verkoop.’ Er wordt ook haardhout gezaagd en aan de weg verkocht. Dicks vrouw Dicky (71) springt sinds enige tijd bij. ‘Ik knutsel met de cliënten’, zegt ze, terwijl ze materialen naar de deel brengt. Daar ontmoeten we Gemiva-locatiemanager Berry Verheij (53). Hij werkte eerder als rechercheur en monteur, maar vond hier zijn plek. Hij laat ons het woonhuis zien dat aan de deel grenst. ‘Hier wonen nu nog tien mannen’, vertelt hij. ‘Maar zij gaan naar een nieuw huis, Middelhoeve, dat hiernaast wordt gebouwd. Dit wordt een logeerhuis.’
Berry vindt het inspirerend om hier te werken, maar noemt ook uitdagingen. ‘Zoals alles financieel rond krijgen. Het voer, de dierenarts – dat loopt snel op. En het bieden van structuur aan de cliënten. We moeten ze steeds aan het werk houden. Dat lukt alleen met heel goede vrijwilligers en begeleiders. Gelukkig hebben we die.’ Opnieuw klinkt de bel: lunchtijd. De cliënten en vrijwilligers druppelen een voor een binnen en halen hun brood uit hun tas. ‘Ze nemen meestal hun eigen lunch mee’, vertelt Berry. ‘Maar woensdag is tostidag en vrijdag noodledag.’ Aan tafel wordt geanimeerd gepraat of spelen cliënten een spelletje op hun telefoon.
Na de lunch loopt een klein groepje met de alpaca’s het terrein af. ‘Wij gaan Moordrecht op stelten zetten!’ roepen ze uitgelaten en wandelen dan met de dieren over het fietspad richting het dorp.
- Auteur: Deirdre Enthoven
- Fotograaf: Sanne Donders




























