5 min

‘Het is belangrijk je persoonlijke geschiedenis te kennen’

Oud & Nieuw

Tot voor kort werd in Nederland zelden gesproken over het koloniale verleden. Voor Nederlanders met een Caribische achtergrond had dat mede tot gevolg dat zij hun eigen geschiedenis minder deelden of er simpelweg weinig van wisten. Daar komt verandering in, nu de aandacht voor dat verleden toeneemt. ‘De hoogste tijd, er is zoveel onbekend’, aldus Fausia S. Abdul. Samen met vier anderen deed ze onderzoek naar de bijdragen van vrouwen in de koloniale en slavernijperiodes in het Caribisch gebied.

‘Pas sinds een paar jaar ben ik bewuster in mijn Caribische achtergrond gedoken’, vertelt Fausia S. Abdul (36). ‘Ik ben geboren en getogen in een Nederlands dorp, in een Caribisch gezin. Dat verbaasde mensen soms, omdat ik niet voldeed aan het stereotype. Vaak is onbekend dat ‘uit de Cariben’ ook kan betekenen dat je voorouders uit bijvoorbeeld India, Europa of het Midden-Oosten komen.’

Onwetendheid

Thuis bij Fausia werd nooit gedetailleerd gesproken over hun achtergrond. ‘Maar na een racistische ervaring die ik als kind had, werd afkomst ineens wel een belangrijk gespreksonderwerp. En tijdens mijn studie en werk in sociale rechtvaardigheid zag ik in dat het belangrijk is je persoonlijke geschiedenis te kennen. Het onderwerp “koloniaal verleden” kan pijnlijk zijn. Tegelijkertijd is er ook veel onwetendheid, zowel onder witte Nederlanders als in de Surinaamse en Caribische gemeenschap, zij het soms vanuit een ander gezichtspunt.’

Om een ander perspectief te genereren voor die geschiedenis, ontwikkelde Fausia het project ‘Our HERitage - De Koloniale Erfenis van de Cariben in 50 Historische Portretten’. Dit is gericht op het erkennen, onderzoeken en vieren van het culturele erfgoed van Caribische vrouwen, in het kader van de 150ste verjaardag van de afschaffing van de slavernij in Nederland.

Mengeling van invloeden

Ze betrok er vier anderen bij, elk met een relatie tot het Nederlands koloniale verleden. Zoals Patty Rudge (48, Afro-Surinaamse wortels). Ook zij benadrukt de diversiteit van de Caribische gemeenschap. ‘In Suriname alleen al vind je onder meer Hindostanen, Javanen, Chinezen en Boeroes - witte Nederlandse boeren uit onder meer Twente, die destijds naar Suriname zijn gelokt - en meestal zijn mensen een mengeling van verschillende invloeden. Maar in Nederland wordt vaak gedacht dat het om een homogene groep gaat. Dat leidt al snel tot een stereotype beeld waar niemand zich in herkent.’

Franse Revolutie

Patty kwam op haar derde vanuit Suriname naar Nederland waar zij opgroeide in een overwegend witte gemeenschap. Thuis werd gesproken over de Surinaamse achtergrond, op school was daar geen aandacht voor. ‘Het maakte mij activistisch. Waarom moest ik alles weten over de Franse Revolutie, maar werd niets verteld over de Nederlandse koloniale geschiedenis en de slavernij?’

Dat er lange tijd niets veranderde op dit vlak, blijkt uit de ervaringen, jaren later, van Rozemarijn de Kwaasteniet (30, Nederlandse wortels) en Soraja Soechit (25, Hindostaans-Surinaams), ook beiden betrokken bij het project. Rozemarijn: ‘Op mijn middelbare school lag de nadruk op het witte, eurocentrische perspectief. De Gouden Eeuw werd verheerlijkt, terwijl de andere kant van het verhaal ontbrak. Het is typerend dat, ondanks vakken over het koloniale verleden, er geen bachelor of master postkoloniale studies in Nederland bestaat. Ik ben ervoor uitgeweken naar Engeland.’

Verbondenheid voelen

Soraja: ‘Toen ik op mijn achttiende naar Nederland kwam om te studeren, werd het koloniale verleden hier nauwelijks erkend. In Suriname was die geschiedenis altijd voelbaar. Op school vierden we Keti Koti en voelde ik mij verbonden met de voor­ouders die hadden gestreden voor onze vrijheid. Dit project is een kans om die verbondenheid weer te voelen en actief uit te dragen.’

‘KetiKotilijkteenfeestvoordeSurinaamsegemeenschap,maarhetiseenvieringvanonsallemaal’

Gewoon mensen

Sinds kort, en zeker sinds excuses zijn gemaakt voor de trans- Atlantische slavenhandel, groeit de aandacht voor het koloniale verleden. Er lijkt daardoor ook meer ruimte voor mensen uit de Caribische gemeenschappen om stil te staan bij hun eigen geschiedenis.

‘Dat ik een Caribisch-Surinaamse achtergrond heb, met onder andere Hindostaanse en Creoolse invloeden, is in mijn familie niet zo’n onderwerp’, haast Arun Ariyagupta (26), student geschiedenis, zich te zeggen. ‘We zijn gewoon mensen en gaan om met mensen uit verschillende culturen, die benoemen we niet als zodanig. Van huis uit krijgen we de Caribische cultuur mee, maar daar treden we liever niet mee naar buiten, uit angst om op basis van onze afkomst in een hokje te worden gezet.’

Voor Fausia herkenbaar. ‘Het was voor ons vanzelfsprekend dat we Nederlands zijn en dat andere invloeden erbij hoorden, maar dat benoemden we niet. We wisten nauwelijks wat deze invloeden waren. Keti Koti was in onze omgeving ook niet aanwezig. Dat heb ik de afgelopen jaren echt zien veranderen.’

Keti Koti

Soraja, die een jongere generatie vertegenwoordigt, zegt dat Keti Koti voor haar van groot belang is. ‘Het gaat verder dan het herdenken van de bevrijding van slaafgemaakten; het vertegenwoordigt de verbondenheid en solidariteit tussen verschillende etnische groepen in Suriname.’

Eigenlijk gaat het nóg verder. ‘De koloniale geschiedenis gaat ons allemaal aan’, zegt Rozemarijn. ‘Daarom vier ik sinds een tijdje ook Keti Koti.’ Afsluitend zegt het team: ‘Keti Koti lijkt een feest voor de Surinaamse gemeenschap, maar is een viering van ons allemaal. Waarbij we stilstaan bij het leed, maar vooral ook bij de verbinding en veerkracht van het gedeelde verhaal.’

  • Auteur: Deirdre Enthoven
  • Fotograaf: Merlijn Doomernik

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens