

Zeepkisten op zonne-energie
ReportageAan de Lonnekerbrugstraat in Enschede wordt al een jaar gewerkt aan de ultieme zonneauto. Zeventien studenten van de University of Twente (UT) werken samen toe naar één doel: op het podium komen van de Bridgestone World Solar Challenge, een race over ruim drieduizend kilometer, dwars door Australië. Het Twentse team is in augustus voor de twaalfde keer van de partij. ‘Dit is werken in een topsportomgeving’, zegt teamleider Daniël Blik. ‘Ik hoef niemand aan te sporen. Ik moet ze eerder afremmen.’
De World Solar Challenge, een wedstrijd tussen ’s wereld meest efficiënte zonnewagens, wordt dit jaar alweer voor de zeventiende keer gehouden. De wedstrijd begint in het noorden van Australië, in Darwin. Vanaf daar gaat het over de Stuart Highway naar het zuiden. Via Alice Springs, aan de rand van de Simpson-woestijn, gaat de race ten slotte in tien etappes verder, om te eindigen aan de zuidkust, in Adelaide.
Solar Team Twente
De University of Twente deed in 2005 voor het eerst mee aan de race, die doorgaans rond de dertig deelnemers telt. Sindsdien is het Solar Team Twente een vaste deelnemer. Dat gaat ze niet onverdienstelijk af, want een plaats in de top-5 is sinds 2011 bijna een zekerheid.
In de beginjaren (van 2001 tot 2017) eindigde TU Delft maar liefst zeven keer als eerste. ‘Dat heeft deels te maken met de grote sponsor die zij altijd hadden’, zegt Jesse van Dijk (21), de accountmanager van het team. ‘De laatste edities zie je echter dat wij het beter doen dan Delft.’
Niet zonder gevaar
Wat heet. In 2021 werd de RED Horizon-auto van Solar Team Twente zelfs wereldkampioen, toen de Challenge vanwege corona (niemand mocht Australië in) voor het eerst onder de Marokkaanse zon werd gehouden. In 2019 leken de Enschedeërs trouwens ook op weg naar de zege, toen de RED E halverwege de race enkele uren voorsprong had genomen op de concurrentie.
Op dat moment sloeg het noodlot echter toe: tijdens een stormachtige etappe sloeg de zonneauto over de kop. ‘Die auto was superefficiënt, maar ook heel licht en klein. Door een windvlaag kwam-ie vervolgens op de kop naast de weg te liggen.’ Van Dijk wil er maar mee zeggen: solar racen is niet zonder gevaar.
Aftelklok
Er wordt deze dag druk gewerkt aan de auto die het straks in Australië moet gaan doen. Het aantal fietsen dat voor het pand annex werkplaats aan de Lonnekerbrugstraat in Enschede staat, verraadt dat bijna de volledige crew aanwezig is. In de kantine van het pand hangt een klok die aftelt naar de start van de Challenge.
Maar er hangen meer bordjes die laten zien dat het menens is. ‘Geen toegang tot de hal als je alcohol hebt gedronken’, staat erop. In die hal staan enkele van de oude zonneauto’s opgesteld, maar wordt – in een tent, uit het zicht – óók aan de nieuwe gewerkt. ‘Nergens aankomen!’, krijgen de bezoekers verbaal ook nog mee. We zouden niet durven.
De strateeg van het stel
Het Solar Team Twente bestaat uit vijftien mannen en twee vrouwen. ‘Die doen dat meer dan fulltime, anderhalf jaar lang’, weet Van Dijk. De meesten hebben hun bachelor net achter de rug en gaan na het Solar-project verder met hun master.
Zo niet Job Nahuis (20). Hij studeert werktuigbouwkunde en heeft zijn tweede jaar er net opzitten. ‘Ik kon niet wachten, daar komt het eigenlijk wel op neer’, bekent de strateeg van het stel. ‘Ik zat nog op de basisschool toen ik voor het eerst over het Solar Team hoorde. Team 2015, dat destijds tweede werd, was toen in het nieuws. Ik vond dat toen al heel cool. Dat je als student dit soort dingen kunt maken, sprak mij aan. Net als dat je van begin tot einde bij zo’n proces aanwezig kunt zijn. Je ziet je kindje echt tot leven komen. Ik heb dan ook voor drie functies binnen het team gesolliciteerd: mechanica, aerodynamica en strategie.’
Zijn ongeduld werd beloond: strateeg Nahuis berekent straks hoe hard de auto op elk stuk van het parcours kan gaan rijden.
By far het vetste
Zó ver vooruit plannen deed teammanager Daniël Blik (22) niet. Hij studeerde bedrijfskundige informatica. ‘Het Solar Team is dermate prestigieus dat het op de achtergrond altijd wel een beetje rondspookte, maar pas toen ik me ging oriënteren op m’n tussenjaar, ontdekte ik dat dit by far het vetste was wat ik zou kunnen gaan doen na m’n bachelor.’
Wat er zo mooi aan is? ‘De gedrevenheid binnen het project. Het doel dat je met z’n allen hebt. Een auto bouwen, daarmee naar Australië gaan en proberen zo goed mogelijk te presteren. Ik hoef als teamleider ook geen mensen mee te sleuren en aan te sporen. Ik moet ze eerder afremmen. Eigenlijk werken we hier in een topsportomgeving en dat is gaaf.’
Je zou denken: gebruik de zonneauto’s van de afgelopen edities, stop er wat extra kennis in en gáán. Maar zo simpel ligt het niet. De organisatie van de Challenge heeft ook nu weer een aantal nieuwe regels bedacht. ‘Dat doen ze omdat ze willen dat wij ons als team blijven ontwikkelen’, zegt Blik.
En Van Dijk: ‘Wat dat betreft is het net de Formule 1. Elke editie krijgt een nieuwe set met regels mee.’ Zo moet het zonne-oppervlak van de auto dit jaar maar liefst zes vierkante meter (in plaats van vier) bedragen en is de capaciteit van de batterij behoorlijk minder dan in voorgaande jaren. Nahuis: ‘Daardoor zijn we iets afhankelijker van het weer dan anders.’
Drie coureurs
Elk team moet drie coureurs hebben. Twee coureurs die elkaar om de drie uur afwisselen, plus ten minste één reserve. Wie de auto gaat besturen, is nog even ongewis. ‘Een coureur moet aan verschillende zaken voldoen’, zegt Van Dijk. ‘Hij moet niet te groot zijn, stressbestendig, niet bang, niet te overmoedig en vooral ook een goede communicator.’
Een beetje lef is hoe dan ook vereist. Van Dijk: ‘Zo’n auto voelt heel instabiel aan, want het is in feite een zeepkist gemaakt door studenten, die 110 km/per uur rijdt, over een Australische weg, waar ook het verkeer gewoon rijdt.’ Luuk Vink, die binnen het team gaat over de batterij, heeft zich aangemeld als coureur. Zover is het echter nog niet. ‘Het team wijst op den duur de coureurs aan’, zegt Van Dijk.
De concurrentie voor het Solar Team komt straks waarschijnlijk weer uit dezelfde hoek, denken de Enschedeërs. Delft en Leuven zullen op basis van het recente verleden de usual suspects zijn. ‘Ook Aken zou goed kunnen zijn, net als misschien Groningen’, denkt Nahuis. En Blik: ‘Het is nog heel moeilijk te zeggen, omdat je geen idee hebt met wat voor design en innovaties de anderen zullen komen. De marges zijn sowieso bijzonder klein.’
Twee maanden vroeger
De race vindt normaliter plaats in oktober. Dan gaat het Down Under richting hartje zomer en tikt de temperatuur niet zelden de veertig graden aan. Vanwege de kans op bosbranden is de race nu vervroegd naar augustus. Qua zonuren zal het niet veel schelen, al zal het beduidend minder heet zijn.
Nahuis: ‘Bijkomend probleem is wel dat de zon een stuk lager staat, dat kan invloed hebben op het statisch laden. Maar het grootste probleem is wel dat we twee maanden minder voorbereidingstijd hebben om te ontwerpen en te bouwen.’
En dat terwijl de zeventien studenten er al heel veel van hun tijd instoppen. ‘Onze mechanici hebben de afgelopen maanden al weken gedraaid van zo’n zeventig uur. Terwijl ik hier, over het hele jaar genomen, ook gewoon dik zestig uur per week aan het werk ben. Maar dat is het absoluut waard!’, zegt Nahuis. Blik: ‘Dit hele project is zó waardevol. De ervaring die ik op deze jonge leeftijd opdoe, voor ik überhaupt afgestudeerd ben, is onbetaalbaar.’
Als eerste over de streep
Dat beaamt technisch manager Victoria Verhulst (22), één van de twee vrouwen in het team. ‘Alles draait om samenwerking in dit project’, zegt ze. ‘Dit is echt iets waar je met een groep ambitieuze studenten vol voor gaat. Je krijgt in je leven niet heel veel kansen om aan zoiets gaafs mee te doen.’
Wanneer de race een succes is? ‘Natuurlijk willen we heel graag winnen’, zegt teamleider Blik. ‘Maar nog belangrijker is: jezelf ontwikkelen. Plus dat je aan het eind wilt kunnen zeggen: we hebben er echt alles uitgehaald wat we konden. En als we daarin slagen, dan ben ik ervan overtuigd dat we straks als eerste over die streep zullen rijden.’
- Auteur: Geert Jan Darwinkel
- Fotograaf: Reyer Boxem



























