6 min

‘Niks zo lekker als een zaal vol lachende mensen’

Interview

Afgelopen carnavalsseizoen deed cabaretier Rob Scheepers het wat rustiger aan als tonprater, want zijn nieuwe (stijf uitverkochte) theatershow begon ook in februari. Maar andere jaren trad hij rond carnaval rustig vijf keer per avond op tijdens deze shows vol lokaal cabaret. ‘Ik vind tonpraten fantastisch. Alle rangen en standen komen samen, om te lachen om alles en iedereen.’ En dat zouden we volgens Scheepers vaker moeten doen. ‘Lachen is de gezondste emotie die er is.’

Mia en Truus die op het podium de krant doornemen, een optreden van dansmariekes die tien jaar in leeftijd verschillen, platte grappen, afgewisseld met doordenkers… En na afloop onder de tl-verlichting een pilsje pakken en bitterballen eten. Je kunt de Sterkselse cabaretier en tonprater Rob Scheepers (51) niet gelukkiger maken. ‘Ik geniet het meest bij carnavalsverenigingen die weinig geld hebben voor een spectaculaire tonpratersavond. Daar draait het namelijk niet om de show of om bekende artiesten, maar om het dorp zélf.’

Scheepers was twaalf toen hij ontdekte hoe leuk hij het vond om op een podium te staan. ‘Ik deed een act van Urbanus tijdens een playbackshow. Die was kennelijk zo leuk dat onze carnavalsvereniging vroeg of ik hem ook op de tonpratersavond wilde opvoeren. Na dat optreden was ik verkocht. Het opkomen voor zo’n volle zaal, het veroveren van je publiek – magisch vond ik het. Ik vind het nog steeds bijzonder dat mensen een kaartje willen kopen om mij te zien spelen.’

Op zijn veertiende trad Scheepers tijdens zo’n avond vol lokaal cabaret voor het eerst op met een eigen act, maar hij moest zijn plek tussen de volwassenen wel verdienen. ‘De eerste jaren had ik als jonkie nog wel wat krediet, tot ik overmoedig werd. Dat werd genadeloos afgestraft: er werd niet gelachen en sommige bezoekers riepen dingen terug. Ik was toen nog te jong om er goed op te reageren, maar jaren later nam ik op het podium revanche. Ik wist wie die roepers geweest waren; dat heb je in een dorp. Dat konden ze wel waarderen.’

‘Tonpraterswetenprecieswaterspeeltenwaarhetschuurt.Aandereactiesuitdezaalkunjegoedafleidenhoedesfeerisineendorp’

De week in oneliners

Rond zijn dertigste nam Scheepers’ carrière als tonprater een vlucht. Hij begon ook op te treden in andere dorpen, op bruiloften en feesten van verenigingen en bedrijven. Hij werd gevraagd om oudejaarsconferences te geven bij het Eindhovens Dagblad. Er volgden radio- en tv-optredens, waaronder ‘de week in oneliners’, een bekende rubriek die hij nog steeds heeft op Radio 538.

In 2014 nam hij ontslag bij het reclamebureau waar hij werkte, om zich volledig op zijn optredens te kunnen richten. Ondanks alle klussen die erbij kwamen, gaf Scheepers het tonpraten nooit op. ‘Tonpraten is met drie tot vijf optredens per avond veel harder werken dan één theateroptreden. In het theater wordt alles bovendien voor mij geregeld, maar voor het tonpraten ben ik op mezelf aangewezen. Heb je eindelijk een parkeerplek gevonden, blijkt je headset niet te werken en loopt de dansact vóór jou gigantisch uit, waardoor je met gevaar voor eigen leven naar het volgende optreden moet racen. En je moet het publiek elke keer opnieuw voor je zien te winnen. Theaterbezoekers komen speciaal voor jou, dit publiek niet. En toch: ik vind het fantastisch.’

‘Je kwetst altijd wel iemand’

Door de vele uren die Scheepers op het podium stond, leerde hij dat de interactie met het publiek bepalend is voor het succes van een optreden. ‘En daar moet ík als performer mijn best voor doen. Je kunt niet zomaar in het wilde weg beginnen met harde grappen maken. De zaal pikt het niet als je makkelijk wilt scoren over de rug van iemand op rij één. En terecht. Daarvoor moet je eerst krediet opbouwen. De energie die je steekt in het creëren van een goede sfeer, krijg je terug.’

Toch vindt Scheepers wel dat hij over vrijwel alles grappen moet kunnen maken. ‘Wat kwetsend is, is namelijk voor iedereen anders – je kwetst altijd wel iemand. Ik vind dat we als samenleving te gevoelig zijn geworden. Sommige mensen kunnen helemaal nergens meer om lachen. Dat lijkt mij heel ongezond.’ In zijn nieuwste, zesde theatershow, ‘Scheepers op z’n scherpst’, onderzoekt hij daarom de grenzen van de grap. ‘Het is net als met pittig eten: je kunt een vies gezicht trekken, maar je kunt het ook leren verdragen. Misschien ga je het dan zelfs wel waarderen. In mijn show onderzoek ik hoe ver ik daarmee kan gaan.’

Je ellende ombuigen

Zijn hekel aan gezeur zorgde er tevens voor dat Scheepers ambassadeur werd van Ik Begin. Deze stichting biedt houvast en perspectief aan iedereen die vastloopt in zijn leven, om welke reden dan ook. ‘Je helpt jezelf niet door steeds terug te kijken op wat er mis ging. Ik geloof in jezelf een doel stellen en gewoon ergens begínnen’, legt hij uit. In 2023 werkte Scheepers mee aan de voorstelling ‘Lachen om problemen, zo gek nog niet’, die de stichting organiseerde. Hij haalde zes comedians naar het theater, die allemaal kwamen vertellen over hun eigen problemen: ‘De een had een verslaving, de ander ging gebukt onder smetvrees, autisme of een ongelukkige jeugd’, vertelt hij. ‘De avond draaide om het ombuigen van je ellende, door om jezelf te lachen én verantwoordelijkheid te nemen voor je eigen aandeel.’

Zelf leerde Scheepers al op jonge leeftijd hoe dat moest: verantwoordelijkheid nemen. ‘Ik betaalde alles zelf. Ik had drie krantenwijken, daar betaalde ik mijn rijbewijs, mijn schoolgeld en mijn avondjes stappen van. Van mijn kinderen verwacht ik dat ook. Mijn oudste zoon opent dit voorjaar een café in Sterksel; ik steun hem volledig en sta graag garant voor hem, maar hij moet zelf investeren.’

Ons collectieve humeur

Kunnen lachen om onszelf en om elkaar; volgens Scheepers is het goed dat die kunst op tonpratersavonden nog wél wordt beoefend, nu we het als samenleving soms een beetje verleerd lijken. ‘De waarde van die avonden is veel groter dan sommigen denken. Het is een van de weinige evenementen waarop je mensen uit alle lagen van de bevolking ziet. Iedereen kent elkaar, dat is in het theater totaal anders. De tonpraters steken de draak met bepaalde typetjes of bekende inwoners, ze maken grappen over dingen die dat jaar gebeurd zijn. Aan de reacties in de zaal kun je goed afleiden hoe de sfeer is in een dorp of stad; voor een gemeente is het de perfecte graadmeter’, weet hij. Maar het belangrijkste: ‘Onderdeel zijn van een zaal vol lachende mensen, daar knap je van op. Ik weet zeker dat dit soort avonden goed zijn voor ons collectieve humeur.’

  • Auteur: Laura van der Burgt
  • Fotograaf: Frank Ruiter

Deze hele editie lezen?

Selecteer jouw regio
Voorjaar 2026

Dit artikel is gepubliceerd in de editie van voorjaar 2026 en is in meerdere regio's te lezen. Lees de editie uit jouw regio of een van de andere mooie edities.

Meer lezen over dit onderwerp?

    • Interview
    • Kunst en Cultuur
    • Grote Steden

    ‘Geschiedenis maak je met elkaar’

    • Oud & Nieuw
    • Familiebedrijven
    • Jong & Impact

    Naar hartelust selfies maken tussen de tulpen

    • Interview
    • Diversiteit en Inclusie
    • Kunst en Cultuur

    ‘Ik zoek altijd contacten van hart tot hart’

    • Kunstcollectie
    • Kunst en Cultuur

    Eigen schuld?

    • Oud & Nieuw
    • Kunst en Cultuur

    Van caféfeest naar festival

    • Rabo BuurtSupport
    • Kunst en Cultuur
    • Rabo BuurtSupport

    ‘Popmuziek is óók cultuur’

    • Rabo BuurtSupport
    • Kunst en Cultuur
    • Rabo BuurtSupport

    ‘Popmuziek is óók cultuur’

    • Rabo BuurtSupport
    • Kunst en Cultuur
    • Rabo BuurtSupport

    ‘Popmuziek is óók cultuur’

    • De vrijwilliger
    • Buurtgevoel
    • Kunst en Cultuur

    Dwingeloo in de ban van The Passion

    • Interview
    • Kunst en Cultuur
    • Ondernemen

    ‘Het aanbod voor toeristen kan nóg beter’

  • bekijk alle artikelen

    Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

    Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

    max. 500 tekens