5 min

‘Wij willen er gewoon voor zorgen dat we in 2050 nog steeds boer kunnen zijn’

Interview

Waarom je alleen met je eigen hachje bemoeien als je ook de toekomst kunt veranderen – voor jezelf, maar ook voor de hele agrarische sector? Peter Meedendorp uit Onstwedde zet zich, als voorzitter van de Europese Raad voor Jonge Boeren, in voor de belangen van de Europese boeren van morgen. Europa staat als bestuurslaag veel te weinig bij mensen op het vizier, vindt hij. ‘Terwijl er enorm ingrijpende beslissingen worden genomen.’

Het valt niet mee om een afspraak te maken met Peter Meedendorp. Druk, druk, druk is de 23-jarige: op het akkerbouwbedrijf dat hij runt met zijn vader en broer – zetmeelaardappels, uien, mais, bieten en nog meer. En met loonwerk, voornamelijk in de veehouderij. En sinds vorig jaar zomer is hij ook nog een paar dagen per week in Brussel. Want toen werd hij gekozen tot voorzitter van het CEJA, de Europese Raad voor Jonge Boeren.

Eigenlijk kon het bijna niet anders. Als jongetje van tien zat hij al vol aandacht naar het journaal te kijken. Een bachelor in Internationale Betrekkingen volgde, daarna een master in Landbouweconomie en praktijkervaring op het familiebedrijf. En een bestuursfunctie bij het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK), waar hij de portefeuille internationaal en Europees had. En nu het voorzitterschap in Brussel. Zo wist hij drie grote passies te combineren: akkerbouw, ondernemerschap en Europa.

Twee kanten op

Het CEJA werd opgericht in 1958 om de belangen van jonge boeren te behartigen. Nu heeft de bond 33 leden uit 24 landen, veelal EU-lidstaten. Zijn functie omschrijft hij als ‘twee kanten op’. ‘Naar binnen toe zorg je dat er in je eigen geledingen mandaat is voor wat jij als bestuurder aan het doen bent. Tegelijkertijd neem je je leden mee in wat er in de buitenwereld gebeurt.

Vervolgens werk je naar buiten toe, om te zorgen dat wat die club wil, ook realiteit wordt. Dat er zo veel mogelijk realiteitszin in de wet- en regelgeving komt. Europa staat bij veel mensen niet bepaald scherp op het netvlies, vertelt Meedendorp aan de keukentafel in Onstwedde. Onterecht, zegt hij, zeker in de landbouw.

‘Eigenlijk alle landbouwwetgeving die we hebben, komt links of rechts voort uit Europese verordeningen en richtlijnen. Neem de Green Deal.’ Die heeft, zegt Meedendorp, pas in de laatste fase aandacht gekregen in de media, alles was toen al in kannen en kruiken. ‘Dat terwijl de Deal een complete verandering van het landbouwsysteem voorstelde.’

Invloed Europese regelgeving

In het Europese debat, zegt Meedendorp, gaat het vaak over grote lijnen, het metaniveau, het blijft wat ver van je bed. ‘En daarnaast is de besluitvorming ook nog eens best wel ingewikkeld. Daardoor is er vervolgens niet zo veel belangstelling voor, in onder meer de media, en zo blijft het onbekend. Het is een wisselwerking. Niet alleen in de landbouw, hoor, sowieso, je hoort eigenlijk heel weinig over Europa. Heel raar, als je bedenkt hoeveel invloed Europese regelgeving heeft. En hoe die de positie van jonge boeren schaadt. Daartegen wil ik in het geweer komen.’

Zwartwit

Toen hij vorig jaar aantrad, was Brussel al een bekende plek voor Meedendorp: als afgevaardigde namens het NAJK kwam hij er regelmatig, sprak hij over alles wat jonge boeren aangaat, lichtte daar het Nederlandse perspectief toe. Neem de bodemmonitoringswet, zegt hij. Het idee was om een gezamenlijk systeem te ontwikkelen om te bepalen hoe gezond de bodem is, om certificaten uit te delen ook.

Maar, zegt hij, daar wordt nogal zwartwit naar gekeken. ‘Er zijn verschillende parameters, en als ook maar één daarvan verkeerd is, wordt meteen je bodem ongezond verklaard. Maar zo eenvoudig is het helemaal niet. Soms zit er bijvoorbeeld een bepaalde historie aan de grond, niet alle grond is hetzelfde. Je kunt niet alles zomaar op dezelfde manier berekenen.’

‘Jongensenmeidendiedóórwillenalsboerenbereidzijndaarkeuzesvoortemaken:diemotivatiemaaktditwerkmooivoormij’

Goede definitie nodig

Terwijl hij vertelt, is er buiten een en al bedrijvigheid op het bedrijf. Zelf was hij pas deze ochtend weer op het land, voor het eerst sinds drie dagen. Ja, het leven is wel wat hectischer, geeft hij toe, maar hij heeft het er voor over. ‘Het CEJA is een prachtige club waar veel mooi werk te doen is.’

Waar hij zich momenteel mee bezighoudt? Met duurzaamheid, bijvoorbeeld. Een containerbegrip dat nodig eens gedefinieerd moet worden, maar hoe? ‘De overheid komt niet met een definitie, dus gaan de marktpartijen - bijvoorbeeld McCain, maar ook Rabobank - het doen. Elk bedrijf heeft een andere visie en andere belangen, en dus ook een andere definitie. Wij willen dat veranderen. Voor ons is het heel belangrijk dat goede initiatieven betaald moeten worden. Maar dan moet er wel een definitie komen, zodat je kunt beoordelen en vergelijken. Dan kan er ook beloond worden.’

Samenspel

Eigenlijk, zegt Meedendorp, vond hij de internationale - en specifiek de Europese context - altijd al interessanter dan de Nederlandse. Die laatste noemt hij ‘haast een beetje saai, zeg maar’. Hij houdt van het samenspel, al die landen met verschillende regels en normen, en hoe dat dan weer allemaal samenkomt – of niet. Verschillende landen, verschillende politieke kleuren. En bij het CEJA komt daar ook nog eens de jeugdige drive bij die alle jonge boeren verenigt.

Wij willen vooruit kijken

‘Eerder ben ik lid geweest van de lokale afdeling van NAJK. CEJA is een mooie club, ook omdat die echt gerund wordt door jonge boeren die daarnaast op een bedrijf zitten. Allemaal parttime, allemaal ondernemend.’ Als jonge boeren hebben ze een zekere aaibaarheid, zegt hij.

‘Er is in het verleden nogal wat misgegaan, wat veel mensen nog heel hoog zit. Logisch natuurlijk, maar wij willen vooruit kijken. Voor ons is de toekomst belangrijker dan het verleden. Wij willen er gewoon voor zorgen dat we in 2050 nog steeds boer kunnen zijn.’

Hij krijgt energie van het optimisme van ‘zijn’ CEJA, van hoe gemotiveerd de jonge boeren zijn. ‘Jongens en meiden die zich willen inzetten voor de agrarische sector van over tien, twintig jaar. Die dóór willen en bereid zijn keuzes te maken, die de stap durven zetten om duurzaamheid als een kans te zien en daarin te investeren. Dat maakt dit werk mooi voor mij.’

  • Auteur: Karin Sitalsing
  • Fotograaf: Frank Ruiter

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens