

‘Als ik het gevoel krijg dat ik in de weg loop, is het tijd om te stoppen’
Oud & NieuwIn 1888 begonnen de broers Albertus en Lambert Admiraal een scheepstimmerwerf in hun woonplaats Hasselt. Een kleine honderd jaar later kwam Bert, een achterkleinzoon van Lambert, bij het bedrijf, dat sinds het ontstaan enorm is uitgebreid en veranderd. Hij heeft het stokje inmiddels deels overgedragen aan zijn zoon Wout. Bert is niet iemand die vasthoudt aan de manier waarop dingen vroeger gingen. ‘Als er iets nieuws is, wil ik het proberen. Je moet bijblijven.’
Het bedrijf Admiraal BV lijkt in weinig op het bedrijf dat in de negentiende eeuw door de gebroeders Admiraal werd opgericht. Ooit was het een scheepstimmerwerf, waar houten schepen werden gebouwd, onderhouden en gerepareerd. Nu is het een jachtwerf, straal- en spuitbedrijf en maakt men er jacht- en scheepsbetimmeringen. Ook worden er meubels en keukens op maat gemaakt voor plezierjachten, binnenvaartschepen, woningen en bedrijfsgebouwen. Met 24.000 vierkante meter is het vele malen groter dan toen.
‘Het oude bedrijf was gevestigd in de binnenstad, maar mijn vader vond dat we daar weg moesten als we verder wilden’, vertelt Bert Admiraal (60). ‘In 1987 heeft hij dit terrein gekocht. Ik was toen begin 20 en werkte twee jaar bij het bedrijf.’
Geen functie
Dat Bert instapte, was geen vooropgezet plan. Het liep gewoon zo. ‘Ik groeide ermee op, ik wist eigenlijk niet beter. En als je het dan leuk vindt, is het een logische stap.’ In die tijd hield de firma Admiraal zich afwisselend bezig met het bouwen van jachten en woningen – de ene keer lag de nadruk op het ene, dan weer op het andere. Langzaamaan ging het meer richting scheepvaart. ‘Ik had toen geen specifieke functie. Er waren geen functies, je deed gewoon het werk dat er lag.’
Hoewel het een andere tijd was, waarin er vaak meer dan nu sprake was van hiërarchie en autoriteit, heeft Bert het in die begintijd nooit zo ervaren. ‘Urenlang zaten mijn vader en ik te overleggen, soms tot diep in de nacht. Mijn moeder was het af en toe helemaal zat. Hij gedroeg zich zeker niet als “de baas”. Mijn vader is plotseling overleden, een paar maanden nadat hij deze locatie had gekocht. Hij was 50, ik 23. Hij heeft nooit meer meegemaakt dat het bedrijf op deze plek operationeel was.’
Niet pushen
Bert heeft nooit het gevoel gehad dat hij bij het bedrijf móest gaan werken en hij wilde ook absoluut zijn eigen kinderen niet pushen om in de familiezaak te stappen. De geschiedenis heeft zich min of meer herhaald, want zijn oudste zoon Wout (31) had dit carrièrepad evenmin van tevoren uitgestippeld.
‘Net als mijn vader liep ik als kind al bij het bedrijf rond’, vertelt hij. ‘In 2013 ben ik gestopt met mijn opleiding en kwam ik hier, in eerste instantie zonder duidelijk doel. Ik heb eerst mbo werktuigbouwkunde gedaan en daarna hbo scheepsbouwkunde, maar met die laatste opleiding ben ik na een jaar gestopt. Ik was vanuit het mbo gewend om naast twee dagen school drie dagen te werken; de hele week in de schoolbanken was niets voor mij.
Ik werkte hier al in de vakanties en deed in het begin eigenlijk hetzelfde: klusjes op het terrein, bootjes uit het water halen, af en toe meehelpen op een schip. Op een gegeven moment stelde mijn vader voor dat ik het installatiewerk – water, riool et cetera – ging doen. Dat werd eerst door een externe partij gedaan, hij vond dat we meer regie zouden hebben als we dat in eigen hand namen. Ik heb dat mezelf grotendeels aangeleerd.’

Andere boeg
Later nam Wout ook de financiële administratie over – waar hij inmiddels weer mee is gestopt, omdat hij ook nog met zijn handen wilde werken – en dook hij in het nieuwe softwaresysteem dat ze in 2022 kregen. Nu is de verdeling als volgt: Bert gaat over het timmerwerk, Wout over al het andere.
Waar je soms nog wel eens hoort dat de nieuwe generatie het over een andere boeg gooit, pakken Bert en Wout dingen over het algemeen hetzelfde aan. Bert: ‘Sommige mensen kakken in als ze zestig, zeventig zijn. Ik niet. Het bedrijf is altijd in beweging, de techniek verandert continu. Ik ben zeker niet iemand die daarin achterblijft. Als er iets nieuws is, wil ik het proberen. Je moet bijblijven. Het enige waar ik misschien een klein beetje moeite mee heb, is dat nieuwe softwaresysteem.’
Iets minder
Bert weet niet hoe lang hij nog bij het bedrijf zal blijven werken. ‘Als ik het gevoel heb dat ik in de weg loop, is het tijd om te stoppen’, lacht hij. ‘Het idee is nu om iets minder te gaan werken. Ik heb nog meer kinderen, dus we zijn nu met een extern adviesbureau aan het kijken hoe we het voor iedereen goed kunnen regelen als Wout de zaak overneemt.’
Er bestaat een kans dat er na Wout nóg een generatie Admiraal aan de slag gaat bij het bedrijf. Wouts zoon Aron van drieënhalf vindt het er nu al geweldig. ‘Toen hij twee was, was hij hier helemaal niet weg te slaan’, aldus Wout. ‘Dan rende hij meteen naar de vorkheftruck. Nu is dat even ietsje minder.’ Wout zal, net als zijn vader en opa, zijn kinderen nooit dwingen om hier te gaan werken. ‘Ze moeten doen wat ze leuk vinden.’
- Auteur: Suus Ruis
- Fotograaf: Merlijn Doomernik















