5 min

‘Blijdorp zet zich in voor natuurherstel’

Interview

Hoe kun je als dierentuin uitleggen dat je in deze tijd nog dieren in gevangenschap houdt? Voor Erik Zevenbergen was dat de grote vraag toen hij in 2017 als directeur bij Diergaarde Blijdorp begon. Nu, zeven jaar later, zet Blijdorp zich niet alleen in voor het behoud van een groot aantal diersoorten, maar ook voor het wereldwijd aanplanten van bossen en het herstellen van de natuur om dieren in terug te kunnen plaatsen.

Het was één telefoontje, zo’n zeven jaar geleden, dat de carrière van Erik Zevenbergen (59) plotseling op een heel ander spoor zette. Ruim 25 jaar was hij docent op het Libanon Lyceum in de Rotterdamse wijk Kralingen. Hij werd teamleider, conrector en vervolgens rector. Vanuit die rol wist hij het concept van de school volledig om te gooien. ‘Het onderwijs was ouderwets’, licht hij toe. ‘Het was vooral veel zenden, weinig inspirerend.’

Zevenbergen introduceerde het ‘wereldklasconcept’, vooral gericht op het leren van vaardigheden in plaats van statische kennis. Zijn belangrijkste wapenfeit was de introductie van het technasium, voor die tijd iets heel nieuws. ‘Leerlingen werden nieuwsgierig, kregen zelfs plezier in school’, vertelt hij. ‘In een paar jaar tijd veranderde het zieltogende lyceum in een florerende school.’

Fascinerende plek

Het bleef niet onopgemerkt in de stad waar meer middelbare scholen kampten met slechte resultaten en een nog slechter imago. ‘Het schoolbestuur vroeg mij om na te denken over samenwerking met een aantal andere scholen’, zegt Zevenbergen, ‘zodat we dit concept breed konden uitrollen. Een geweldige uitdaging.’

Maar toen belde een recruiter. Of hij wilde solliciteren op de functie van directeur Diergaarde Blijdorp? ‘Natuurlijk sloeg ik daar meteen op aan’, lacht hij. ‘Als je in Rotterdam bent opgegroeid, zit Blijdorp al snel in je hart. Mijn grootouders woonden hier om de hoek. Ze namen mijn zusjes en mij regelmatig mee naar de dierentuin. Ik zie het nog voor me: de leeuwen en de tijgers, de krokodillen, ijsberen en zeeleeuwen. Ik vond al die dieren geweldig en Blijdorp een fascinerende plek.’

Toekomstbestendig concept

Zevenbergen zou liegen als hij zei dat voor Blijdorp werken zijn jeugddroom was. ‘Ik wilde gitarist worden, of journalist. Uiteindelijk bleek mijn hart bij het onderwijs te liggen.’ Maar nu kon hij misschien een stap maken naar die tot de verbeelding sprekende wereld van zijn jeugd. ‘Waarom vroegen ze juist mij?, vroeg ik me af. Ik wist niets van dieren.’

Blijdorp stond onder druk, zo bleek. ‘Het is natuurlijk niet meer van deze tijd om dieren in gevangenschap te houden, puur en alleen voor ons vermaak. De subsidiekraan ging dicht. Ze zochten iemand die het bedrijf weer gezond kon maken en die bovenal een toekomstbestendig concept voor de dierentuin kon bedenken.’ Wat Zevenbergen met het Libanon Lyceum had gedaan, liet zien dat hij goed bij dat profiel paste. Hij kreeg de baan.

Icoon van de stad

Om een goed beeld te krijgen van wat er speelde, liep hij een tijd lang met alle afdelingen mee. ‘Blijdorp bleek een organisatie in verdriet’, formuleert hij het poëtisch. Wat hij ermee bedoelt: ‘Het was een verwaarloosd bedrijf. En doordat de gemeente haar handen er vanaf had getrokken, voelden de medewerkers zich aan hun lot overgelaten.

De dierentuin was altijd een icoon van de stad geweest, en nu deugde het ineens niet meer. Ze verzorgden de dieren goed en hadden al heel wat stappen gezet door bijvoorbeeld verblijven te vergroten en natuurlijke biotopen te maken. Waarom keerde de buitenwereld hun de rug toe?’

‘InNepalplantenweeenmiljoenbomen.Daardoorkunnenwestraksderodepandaterugbrengenindenatuur’

Verandering van sentiment

‘Er gebeurde inderdaad al van alles wat de dierentuin tot meer maakte dan alleen een plek voor vermaak’, vertelt Zevenbergen. ‘Van de zeshonderd diersoorten zitten er al langere tijd meer dan honderd in populatiemanagementprogramma’s om uitsterven te voorkomen’, legt hij uit. ‘We werken samen met een groot aantal Europese dierentuinen aan de opbouw van genetisch gezonde reservepopulaties.’ Maar was dat genoeg om dieren in gevangenschap te legitimeren?

‘Het sentiment rond dierentuinen was aan het veranderen’, vervolgt hij. ‘Vroeger waren medewerkers trots op hun baan, nu schaamden met name de jongeren zich er bijna voor. De hamvraag was: als wij die dieren weten te behouden, wat doen we daar dan mee?’ Ze moeten terug naar de natuur, naar hun natuurlijke habitat, concludeerde Zevenbergen. Maar die was er vaak nauwelijks meer.

Natuurherstel

Het maakte het hogere doel, en daarmee het nieuwe concept, voor Zevenbergen zonneklaar: Blijdorp moest gaan werken aan herbebossing en natuurherstel op die plaatsen waar zij hun dieren wilden terugbrengen.

‘Neem de rode panda’, zegt hij, ‘een soort waarvan wij de reservepopulatie coördineren en die met name voorkomt in Nepal. We zijn bezig om daar een miljoen bomen terug te planten op dertig hectare land die we hebben aangekocht. Daardoor kunnen we straks de panda terugbrengen in de natuur die we zelf hebben hersteld.’

Bomen adopteren

Inmiddels heeft Blijdorp niet alleen alle Nederlandse, maar ook een groot aantal Europese dierentuinen bij dit concept betrokken. ‘Als we echt een verschil willen maken, moeten we de krachten bundelen.’ Blijdorp werkt aan tien programma’s waarmee dieren als de Aziatische olifant, de Antilliaanse leguaan en de kroeskoppelikaan, maar ook bijvoorbeeld de warmwaterlelie, worden veiliggesteld en teruggebracht in de door henzelf herstelde natuur en in samenwerking met de lokale bevolking. ‘Ons doel is om in 2050 deze tien soorten te hebben gered.’

Om de projecten te financieren, zoeken de dierentuinen continu partners en betrekken ze ook bezoekers. ‘De grondaankoop in Nepal werd mogelijk gemaakt door De Vrienden van Blijdorp’, zegt Zevenbergen. ‘En om even bij de rode panda te blijven: in Blijdorp bouwen we een stukje Nepalese natuur na, inclusief een nursery met bomen die we daar planten. Bezoekers krijgen het verhaal te horen en worden uitgenodigd een of meerdere bomen te adopteren. Ook zij kunnen zo meewerken aan een oplossing. “Together we bring nature back to life” is ons motto. Want het moge duidelijk zijn: dit lukt alleen als we het samen doen.’

  • Auteur: Deirdre Enthoven
  • Fotograaf: Frank Ruiter

Meer lezen over dit onderwerp?

Wat vind jij van de digitale Rabo &Co?

Wat fijn dat je je mening wilt geven over de digitale Rabo &Co. Daar zijn we heel blij mee.

max. 500 tekens